Pretbarak

Wij zitten al drie dagen te studeren op de grafiek uit onze weekendkrant die de activiteitsgraad in het Vlaams Parlement in kaart brengt. Met veelkleurige bolletjes, cirkeltjes, driehoekjes, en parallellogrammen, een meesterwerk van onze grafische desk. Knip het uit, timmer er een kader rond, onderteken met ‘Victor Vasarelly’, breng het naar Mon Bernaerts, en die vindt zeker een Chinees die er 10 miljoen voor geeft. In de hoop dat Karel De Gucht het dan weer niet tegenhoudt.
De parlementsleden werden op basis van hun prestaties tijdens de afgelopen twee jaar ingedeeld in vier categorieën. De eerste bestond uit ‘De bezige bijen’, niet te verwarren met de uitgeverij van onleesbare boeken. De tweede uit ‘De babbelaars’, de naam spreekt net als de dragers ervan voor zichzelf. Dan ‘De stille werkers’, verantwoordelijke politici die dus maar één legislatuur meegaan. En tot slot ‘De passievelingen’, die geen hand uitsteken behalve om er elke maand 7.000 euro in te laten droppen. Men noemt deze laatsten ook ‘De Janssens-Mahassine Gilde’, naar de grootse twee luieriken ooit, die als kers op hun parasitaire taart nog een gigantische uitstapvergoeding mee graaiden. Zij behoorden beiden tot de socialistische partij, een toevoeging die wellicht overbodig is.
Tussen de vier categorieën werden een horizontale x-as en een verticale y-as getrokken. Het dichtst bij het snijpunt bevindt zich Axel Ronse, N-VA. Of hij dan van alles veel is of van alles weinig, is ons niet helemaal duidelijk. Ronse is een licentiaat wijsbegeerte en zou men bij afwezigheid van een afdeling ‘De zwetsers’ veeleer bij ‘De babbelaars’ verwachten, maar behoort officieel tot ‘De stille krachten’. Voorlopig, want als hij niet oplet tuimelt hij onder de X-as en is hij een passieveling, wat meer met zijn opleiding overeenstemt. Indien hij evenwel nog vier vraagjes zou indienen – bijvoorbeeld ‘Wat kan ik weten?’, ‘Wat moet ik doen?’, ‘Wat mag ik hopen?’ en ‘Wat is de mens?’ – steekt hij de Y-as over en komt in de korf van ‘De bezige bijen’ terecht. Eén keer iets roepen tijdens de plenaire en hij buitelt ‘De babbelaars’ binnen.
In totaal telt het Vlaams Parlement 19 stille krachten, 43 bezige bijen, 20 babbelaars en 40 passievelingen of zakkenvullers. Werkschuwste passieveling, niet vooruit te branden: Gwendolyn Rutten. Grootste babbelaar, niet tot zwijgen te bewegen: Jo De Ro. Stilste kracht, aardje naar zijn vaartje: Peter Van Rompuy. Bezigste bij is, wie zal het verbazen, een christenmens: Jos De Meyer. Die is uit het middelpunt weg geschoten naar de uiterste rechtse bovenkant van het tableau, als een poolster lichtjaren ver van de andere verwijderd. Nooit vloog een bij hoger. Ze hebben speciaal voor hem de grafiek moeten verkleinen of hij stond op de volgende bladzijde, in een artikel over begrotingstaboes. Op onze website vinden we meer uitleg: 231 tussenkomsten, 16 initiatieven, 660 vragen. Tiens, eens gaan kijken bij de grootste babbelaar, de liberaal Jo De Ro, door politieke tegenstanders schertsend Ro De Jo genoemd: hij heeft 150 tussenkomsten, 18 initiatieven en 65 vragen. Tja, wie is dan de grootste babbelaar: Jos of Jo? Mogelijk zijn hun twee bolletjes, het oranje en het blauwe, met elkaar verwisseld om artistieke redenen.
Valt nog op bij ‘De passievelingen’: Jan Peumans! De voorzitter. Die bij de opening van het parlementaire jaar had geklaagd dat sommigen in het halfrond geen klap uitvoerden. Dat was blijkbaar correct: hij. (De Tijd, Koen Meulenaere)

CategorieënGeen categorie

Geef een reactie