Aandacht voor ordentelijke start schooljaar!

Uit de bespreking van onderwijsdecreet XXIX Jos De Meyer (CD&V)

Voorzitter, minister, collega’s, het zal u niet verrassen dat ik mogelijk – om niet te zeggen: zeker – voor een laatste maal aandacht vraag voor mijn resolutie van 28 mei 2003 betreffende het tijdig indienen van ontwerpen van decreet inzake het onderwijs, met het oog op een rechtszekere en ordentelijke start van het schooljaar. Bij de overwegingen stelden we dat de start van een schooljaar ordentelijk moet kunnen verlopen, dat scholen daartoe tijdig de nodige voorbereidingen moeten kunnen treffen, en dat scholen niet in de zomervakantie mogen worden geconfronteerd met nieuwe regelgeving. Daarom hebben we het volgende aan de Vlaamse Regering gevraagd: ontwerpen van decreet inzake Onderwijs in het Vlaams Parlement indienen voor 1 mei als de inwerkingtreding gepland is op 1 september van datzelfde jaar; de ontwerpen van decreten inzake onderwijs die zijn ingediend na 1 mei, mogen zeker niet in werking treden bij het begin van het daaropvolgende schooljaar; geen omzendbrieven aan de scholen meedelen waarvoor de wettelijke basis ontbreekt; alle besluiten en omzendbrieven voor bepalingen die in werking treden op 1 september ten laatste op 25 juni aan de scholen meedelen.

Voorzitter, meester, collega’s, die resolutie was voor mij telkens een toetssteen voor alle genummerde decreten. En ik moet u zeggen dat in deze legislatuur alle genummerde decreten tijdig zijn ingediend en tijdig zijn goedgekeurd. Minister, hetzelfde kan ik niet zeggen over alle besluiten en omzendbrieven, hoewel er in vergelijking met de vorige legislaturen een uitzonderlijke vooruitgang is.

Voorzitter, collega’s, ik hoop dat er ook in volgende legislaturen collega’s zullen zijn die waken over de verdere naleving van deze resolutie, en dat in het belang van de scholen. Ik denk dan in het bijzonder aan de directies, aan de schoolbesturen, aan de leerkrachtenteams, maar ook aan de leerlingen, op wie de besluiten van toepassing zijn.

Uit het antwoord van minister Crevits: “collega’s, tot slot wil ik een pluim geven aan collega De Meyer. Hij gaf als het ware zijn afscheidsspeech, maar het is nog niet het laatste moment. Ik ga toch een belofte doen, voor zover ik hier nog iets te zeggen heb. Collega De Meyer, u bent de behoeder van de ordentelijke besluitvorming in dit parlement. U zorgt ervoor dat de decreten op tijd worden goedgekeurd. Ik denk dat het in het belang is van de kwaliteit van ons Vlaams onderwijs dat we wat in de resolutie staat en waar u met uw collega’s over waakt, de komende jaren op een zeer consequente wijze blijven volhouden. Die engagementen hebt u alvast. Ik wil u ook bedanken voor uw volgehouden inspanningen op dat vlak. Het was voor mij soms ook een beetje moeilijk om te zorgen dat wij er altijd op tijd geraakten. Maar het is voor de scholen zeer relevant dat men op tijd weet wat er zal veranderen in de regelgeving.”