Grote Prijs Jos De Meyer: Baukeland en Braems winnen

Op 23 januari ging LRV-indoorklassieker van Soete Waesland Sint-Niklaas door, ondertussen de 19de editie van de ‘Ereprijs Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer’. Met Yoeri Braems (Maldegem) in de klasse zwaar kreeg de wedstrijd een verrassende winnaar in manege Overdijk in Moerzeke. De Meetjeslander Baukeland was met Stardust (v. Sandro Z) de beste in een barrage met acht. De overwinning was verdiend. Braems was de eerste die een foutloze rit reed.

Voor hem hadden Dario De Pauw, Lieve Blindeman, Jolien De Schepper en Erika Eeckhoudt al vruchteloos geprobeerd om zonder brokken aan de finish te komen. Braems deed dat wel en was bovendien de snelste. Alleen Gert Geeroms kwam met Stb Persean Ste Hermelle in de buurt, maar ook hij bleek te traag om Braems echt te bedreigen.

In de klasse midden plaatsten negen combinaties zich voor de barrage. Drie daarvan bleven nog eens correct. De winst ging opnieuw naar Thomas Baukeland. Hij was met Dona van de Elshoeve (een in Sint-Niklaas gefokt paardje, waardoor de winst toch wat voor eigen volk was) sneller dan Bart Temmerman en de jonge Gill Huttener, die ook allebei correct waren. Huttener zat, net als Bart Temmerman, met twee paarden in de barrage. Patrick Oelbrandt verdedigde de plaatselijke kleuren in de barrage, maar werd voortijdig uitgebeld.

In de klasse licht konden 29 combinaties zich voor de tweede fase plaatsen. Daarvan waren er veertien correct. Marilyn Dierick was met Anoeshka van d’Ekelbeek (v. Lord Calando) de snelste. Liesl Van Bockstael was een halve seconde te traag. Jens Maes werd derde.

Foto: Volksvertegenwoordiger Jos De Meyer feliciteert Thomas Baukeland na zijn winst in de klasse midden.

(Bron: Gazet van Antwerpen, artikel: Ivan Elegeert, foto: Geert De Rycke)

Elke overheid zijn eigen CO-preventiecampagne?!

De strenge koude van begin december bracht de problematiek van CO- vergiftiging terug op de voorgrond. De federale minister van Binnenlandse Zaken lanceerde op 1 december een nieuwe preventiecampagne. Een aantal dagen later verschenen in verschillende kranten ook paginagrote advertenties van de Vlaamse overheid. Minister van wonen Van Den Bossche moest toegeven aan Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer dat er voor deze infocampagne geen samenwerking was tussen het Vlaamse en federale niveau. Er zijn contacten geweest, stelde zij, maar een reactie van federale zijde bleef uit.

Als bezieler van de resolutie betreffende de preventie van koolstofmonoxidevergiftiging die het Vlaams Parlement op 30 juni 2010 goedkeurde, betreurt De Meyer dit. Eén van de belangrijkste aanbevelingen is immers de samenwerking tussen de verschillende overheden te versterken om zo sensibiliserings- en preventiecampagnes zo effectief mogelijk te kunnen voeren.

Het is wel een goede zaak dat de Vlaamse campagne werd afgestemd met het CO samenwerkingsverband. Dit samenwerkingsverband verenigt een rist partners die werken aan de preventie van CO vergiftiging: Rode Kruis, Logo’s, Cedicol, PVI, Onafhankelijke Ziekenfondsen, Lib. Mutualiteit, Soc. Mutualiteit, CM, VIGeZ, BVV, Federatie Belgische Schoorsteenvegers, Antigifcentrum, Brafco, Buurthuis Bonnevie Maison de Quartier, KVBG.

Minister Van Den Bossche verzekerde dat het zeker haar doel is om in de toekomst intensiever samen te werken met de federale overheid om de campagnes beter op elkaar af te stemmen.

Vlaams gewest maakt werk van veilige N47

Lokeren/Zele Het Vlaams gewest maakt eindelijk werk van de twee rotondes op de N47 aan de E17 in Lokeren en de herinrichting van de Europalaan en Zeelsebaan tussen Zele en Dendermonde.

In de loop van het jaar start een studie over de herinrichting van de Europalaan en Zeelsebaan. Concreet gaat het over het stuk tussen Kleinzand in Dendermonde en de Keltenlaan in Zele. Dat liet minister van Openbare Werken Hilde Crevits (CD&V) weten aan partijgenoot en volksvertegenwoordiger Jos De Meyer. In 2013 wordt er gestart met een structureel onderhoud, de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel en nieuwe fietspaden. ‘We kunnen dat enkel toejuichen’, reageert de Zeelse burgemeester Patrick Poppe (Open VLD). ‘Zeker de komst van de nieuwe, vrijliggende fietspaden richting Dendermonde. We hadden dat wel liever sneller verwezenlijkt gezien.’

Op de N47 komen er twee nieuwe rotondes aan de E17. ‘De werken zouden eind 2012 aanbesteed worden’, vertelt de Lokerse burgemeester Filip Anthuenis (Open VLD). Concreet gaat het over een grotere rotonde in Lokeren voor de oprit van de E17 richting Gent, en een kleinere op Zeels grondgebied voor de oprit richting Antwerpen. ‘Eens die werken beginnen, verlopen ze in fases waarbij doorgaand verkeer altijd mogelijk is’, aldus Anthuenis. ‘Het is goed dat die onveilige punten worden aangepakt. Het Vlaams gewest ziet dat nu gelukkig ook in.’ Niet alleen zal de verkeersveiligheid verhogen, de rotondes zullen ook zorgen voor vlotter verkeer. Wanneer de rotondes klaar zullen zijn, is niet duidelijk.

De kosten voor de herinrichting van de Europalaan en Zeelsebaan worden voorlopig op 3 miljoen euro geschat, waarvan 1,3 miljoen van het Vlaamse gewest komt. De voorlopige raming voor de twee rotondes bedraagt 2,5 miljoen euro. (Het Nieuwsblad, lcl)
__________
2011-01-25

8,1 miljoen voor aanpak van de N47 tussen Lebbeke en E17

De komende jaren is er een reeks werken gepland aan de N47 op het grondgebied van Lebbeke, Dendermonde en Zele. Dit vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer op een schriftelijke vraag aan minister van openbare werken Hilde Crevits.

In 2011 start een studie over de herinrichting van de Europalaan en de Zeelsebaan (de N47 tussen Kleinzand te Dendermonde en de Keltenlaan te Zele). Uiterlijk in 2013, afhankelijk van het doorlopen van de nodige onteigeningsprocedures, zal daar gestart worden met een structureel onderhoud, de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel en het aanleggen van nieuwe vrijliggende fietspaden. De kosten van deze fase worden voorlopig geraamd op 3 miljoen euro waarvan 1,3 miljoen ten laste van het Vlaamse Gewest.

Al in 2012 zullen werken starten aan de doortocht van de N47 te Lebbeke tussen de kilometerpunten 8,8 en 9,53. Ook daar wordt voorzien in een structureel onderhoud van de weg, de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel en het vernieuwen van de voetpaden. Tegelijk zal ook het kruispunt van N47 met Florhofmanslaan worden omgevormd tot een rotonde. Deze werken worden geraamd op 2,6 miljoen euro waarvan 1,3 miljoen ten laste van het Vlaamse Gewest.

Ook het verbeteren van de aansluiting met de N41, via de aansluitende N470, zal worden onderzocht. Daarvoor wordt in 2011 een bedrag van 150 000 euro voorzien voor een studieopdracht.

Als sluitstuk zal ook de aansluiting van de N47 op de E17 worden heringericht met als doel een hogere verkeersveiligheid en een vlottere doorstroming te realiseren. Hiervoor zullen twee nieuwe rotondes worden aangelegd aan weerskanten van de E17. De huidige timing van het project voorziet de aanbesteding van de werken in 2012. De voorlopige raming bedraagt 2,5 miljoen euro. De plannen zijn volledig rond en de nodige onteigeningen zijn momenteel lopende.

2011-01-25

Werken aan N446 te Hamme en Dendermonde

Het meerjarenplan openbare werken van Oost-Vlaanderen voorziet in de aanleg van fietspaden, de herinrichting van een aantal kruispunten en een gedeeltelijke heraanleg van de rijbaan van de N446 in 2013. Dit vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer van minister voor openbare werken Hilde Crevits.

Tegelijk met deze werken zal ook de Waasmunsterbrug over de Durme wordt vervangen. De bovenbouw zal worden aangepast zodat een profiel met fietspad aangelegd kan worden. Waterwegen en Zeekanaal NV (W&Z) plant tegelijk ook de aanpassing van de dijken ter plaatse in het kader van het Sigmaplan. De kostprijs wordt in geraamd op 4,5 miljoen euro.

De werken voor de ombouw van het kruispunt van de N446 (Zogsebaan) met de N470 tot een rotonde zullen vermoedelijk in 2012 kunnen starten. Dit wel op voorwaarde dat de onteigeningsprocedure vlot verloopt. Van dit werk wordt de kostprijs op 900 000 euro geschat.

Kluizemolen weerhouden als bijzonder economisch knooppunt

De Vlaamse Regering besliste op 17 december 2010 over de definitieve vaststelling van de gedeeltelijke herziening van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer vernam van minister voor ruimtelijke ordening Philippe Muyters dat de selectie van Kluizemolen te Sint-Gillis-Waas als bijzonder economisch knooppunt werd weerhouden.

Voor de selectie van Kluizemolen oordeelde de Vlaamse Regering dat deze past in de algemene filosofie van de bijzondere economische knooppunten: het voorzien in ontwikkelingsmogelijkheden aansluitend bij bestaande concentraties van bedrijvigheid.

Toch werden nog twee randvoorwaarden geformuleerd: er moet voldoende aandacht gaan naar de impact op het habitatrichtlijngebied ‘Bossen en Heiden van zandig Vlaanderen’ en het nemen van milderende maatregelen om deze impact te minimaliseren bij de verdere ontwikkeling van het bedrijventerrein. En deze selectie mag niet resulteren in een verdere ontwikkeling tot bedrijventerrein van de meer oostelijk gelegen bestaande kleinhandelsconcentratie aan Meubelplein De Piramiden.

De agrarische gebieden ten zuiden en ten oosten van Kluizemolen zijn herbevestigd als agrarisch gebied (HAG). Daardoor zullen in het planningsproces de bepalingen van omzendbrief RO/2010/01 over het ruimtelijk beleid binnen de herbevestigde agrarische gebieden moeten worden nageleefd: er zal dus in eerste instantie naar uitbreidingsmogelijkheden buiten HAG moeten worden gezocht. Dit is een correct standpunt, aldus De Meyer.

De selectie van Stekene haalde het niet. Een oordeel, aldus Muyters, gebaseerd op de argumenten die de SARO aanhaalt in haar advies: zij oordeelden dat het gaat om een nieuwe, unimodale ontwikkeling in het buitengebied wat niet strookt met de structurerende functies landbouw, natuur en bos zoals die voor dat gebied werden opgenomen in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen.

Jos De Meyer: “Over dergelijke belangrijke beslissing moet diepgaand overleg worden gepleegd. Interwaas en minister Muyters moeten naar aanleiding van deze beslissing het gesprek aanknopen. Mogelijk is de minister toch nog bereid te luisteren naar de argumenten van een eensgezind Waasland.”

De Vlaamse Regering nam zijn beslissing rekening houdende met de resultaten van het openbaar onderzoek, het advies van de Strategische Adviesraad Ruimtelijke Ordening en Onroerend Erfgoed (SARO) en de standpunten van de Minaraad en de SERV.
__________

Economisch knooppunt nog niet ingevuld

Het is nog onduidelijk hoeveel bedrijfsterreinen Sint-Gillis-Waas erbij krijgt door de erkenning van Kluizenmolen als ‘bijzonder economisch knooppunt’. Dat zegt minister voor Ruimtelijke Ordening Philippe Muyters (N-VA) na een vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer (CD&V). Het is volgens Muyters aan de provincie om dat te beslissen. De gronden ten zuiden en ten oosten van Kluizenmolen blijven in ieder geval landbouwgebied. Ook aan Meubelplein De Piramiden kan niet geraakt worden.

Bij de herziening van het Ruim-telijk Structuurplan Vlaanderen is alleen Sint-Gillis-Waas en niet Stekene weerhouden als economisch knooppunt. “Interwaas en Muyters moeten naar aanleiding van de beslissing gesprekken aanknopen”, vindt De Meyer. “Mogelijk is de minister toch nog bereid te luisteren naar de argumenten van het Waasland.”
(Het Laatste Nieuws, Kristof Pieters)

8,9 miljoen euro voor N70

De komende drie jaar wordt er in het meerjarenprogramma openbare werken 8,9 miljoen euro uitgetrokken voor de herinrichting van de N70 in het Waasland. Dit vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer op een schriftelijke vraag aan minister van openbare werken Hilde Crevits.

In 2011 zal een studie worden uitgevoerd naar de herinrichting van de doortocht van de N70 te Melsele om zo de verkeersveiligheid en leefbaarheid te verbeteren. De kostprijs van voor deze studiefase is 350 000 euro. Voor de werken zelf, waarvan de aanbesteding in 2013 wordt verwacht, wordt nog eens 6 miljoen euro uitgetrokken. Ook in 2011 zal een studie voor een bedrag van 150 000 euro worden uitgevoerd over de ontsluiting van KMO-zone Doornpark.

In Lokeren zal tussen de N47 en de Doorslaardaam een nieuw fietspad worden aangelegd. De aanbesteding van deze werken is voorzien voor 2013. En voor de herinrichting van de N70 op het grondgebied van Sint-Niklaas tussen De Ster en de Jagersdreef is dan weer 400 000 euro voorzien. Deze werken worden aanbesteed in 2012.
Studie over heraanleg N70 gaat nog dit jaar van start

Studie over heraanleg N70 gaat nog dit jaar van start

Dat vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer (CD&V) na een schriftelijke vraag aan minister van Openbare Werken Hilde Crevits (CD&V).

Blikvanger in het meerjarenprogramma is de heraanleg van de doortocht van de N70 in Melsele. Daar wordt vanuit Beveren al jaren op aangedrongen. Goed nieuws dus maar het blijft wel nog even geduld oefenen. In de loop van 2011 laat de Vlaamse overheid eerst een studie uitvoeren over hoe deze doortocht het best kan worden aangepast. Uitgangspunt is de verkeersveiligheid maar ook de leefbaarheid in de buurt te verbeteren. De kostprijs van deze studiefase bedraagt 350.000 euro. Voor de werkzaamheden zelf, waarvan de aanbesteding in 2013 wordt verwacht, wordt nog eens zes miljoen euro uitgetrokken.

Ook nog in 2011 zal in Beveren een studie worden uitgevoerd over de ontsluiting van bedrijvenzone Doornpark. Daarvoor wordt 150.000 euro ingeschreven op de meerjarenplaning. Wanneer die nieuwe doortocht effectief wordt aangelegd, staat nog niet vast.

In Lokeren zal tussen de N47 en de Doorslaardaam een nieuw fietspad worden aangelegd. De aanbesteding van deze werkzaamheden is gepland voor 2013.

Voor de herinrichting van de N70 op het grondgebied van Sint-Niklaas tussen De Ster en de Jagersdreef is dan weer 400.000 euro vrijgemaakt. Deze werkzaamheden worden aanbesteed in 2012.
(Gazet Van Antwerpen, KODE)

Nieuwjaarsrecepties…

Vorige donderdag was op de CD&V nieuwjaarsreceptie vice-eerste minister Steven Vanackere te gast als spreker. Een schitterende toespraak van onze minister, een kritische noot van onze afdelingsvoorzitter, een verzorgde receptie en een gezellige babbel waren de belangrijkste agendapunten.

Januari is de receptiemaand bij uitstek, zowel in de vele verenigingen in onze stad als in de vele CD&V-afdelingen van onze regio. Telkens een kans om mensen te ontmoeten, te luisteren en vooral mensen te danken en te bemoedigen!

8 van de 211 schoolbesturen onderschreven voorcontract DBFM

Op 1 december, de initiële deadline, waren nog maar vijf voorcontracten ondertekend. Tot op vandaag kwamen daar nog eens drie scholen bij. Dit antwoordde minister Smet in de commissie onderwijs van het Vlaams Parlement op een vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer. Het gaat hier over vijf vrije gesubsidieerde scholen, en drie officiële gesubsidieerde scholen. Het Gemeenschapsonderwijs, zo wist Smet, zal pas eind deze maand haar beslissingen nemen.

Op 12 januari is ook een oproep verschenen voor bijkomende inschrijvingen op de DBFM-wachtlijst voor scholen van het vrij gesubsidieerd onderwijs. Door het afhaken van een aantal scholen die initieel op de wachtlijst stonden, is er terug ruimte voor nieuwe projecten. De schoolbesturen hebben nog tot 20 februari om hun kandidatuur te stellen.

De inhaalbeweging scholenbouw wil 211 scholen realiseren: 68,68 % van de voorziene middelen voor het vrij onderwijs, 15,58 % voor het officieel gesubsidieerd onderwijs, en 15,75 % voor het gemeenschapsonderwijs. De minister hoopt tegen einde maart meer zicht te hebben op de ganse lijst projecten.

Jos De Meyer concludeert dat de feiten bewijzen dat het wel degelijk belangrijk was de uiterste inschrijvingsdatum van 1 december soepel te interpreteren. Iets waarop hij herhaaldelijk had aangedrongen bij de minister. Hij is ook heel tevreden dat de minister nogmaals zijn engagement bevestigde dat de afgesproken verdeelsleutel tussen de netten gerespecteerd zal blijven.

16.200.000 euro voor de herinrichting van het toegangscomplex op de E40 te Aalter

Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer kreeg als antwoord van minister van openbare werken Hilde Crevits dat de heraanleg van het autosnelwegcomplex te Aalter een grootschalig infrastructuurproject is, dat onder meer kadert in het wegwerken van de “Missing Links” in Vlaanderen. De bedoeling is vooral de verbinding E40 – N44 te verbeteren, zodat de terugslag van verkeer op de E40 richting Oostende (avondspits) vermeden wordt. Behalve het vergroten van de capaciteit is het tevens de bedoeling de verkeersveiligheid te verbeteren ter hoogte van het complex. Door de bouw van verschillende fietstunnels zal de fietser het gemotoriseerde verkeer ongelijkgronds en dus veilig kunnen kruisen.
In het kader van het project zullen de bestaande onderbruggen van de N37 en de N409 worden vervangen, zal er een fly-over gebouwd worden in afrit richting Oostende, zullen er drie rotondes gebouwd worden, worden er bufferbekkens en pompputten voorzien en zal de wegenis en de riolering van gedeelten van de E40, N44, N37, N409 en N499 worden heraangelegd.
De bouwaanvraag werd begin december 2010 ingediend. Voor het project bedraagt de raming 16 miljoen euro.

N449: herinrichting doortocht Wachtebeke

In het indicatief investeringsprogramma wegen 2011-2013 voor de provincie Oost-Vlaanderen is voor het jaar 2011 voor de herinrichting van de doortocht te Wachtebeke op de N449 voor fase 1 125.000 euro voorzien en voor het jaar 2012 voor structureel onderhoud 400.000 euro.
Dit vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer als antwoord op een schriftelijke vraag aan minister van openbare werken Hilde Crevits.
Fase 1 omvat de opmaak van de studie voor de herinrichting van de doortocht van Wachtebeke. De raming van de werken zal blijken tijdens de opmaak van de studie. De aanbesteding van de werken zal in 2012 plaatsvinden.
Voor het structureel onderhoud zal de aanbesteding van de werken in 2012 plaatsvinden.

Loonlast onderwijspersoneel met TBS: minister ontwijkt voorlopig het debat

Op de vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer aan minister voor Onderwijs Pascal Smet hoe hij het TBS-systeem ziet evolueren in het kader van het eindeloopbaandebat en of hij denkt aan incentives om leerkrachten langer aan het werk te houden, antwoordde de minister: “het TBS-stelsel moet gekaderd worden in het eindeloopbaandebat dat ik met de sociale partners zal voeren. De gesprekken hierover moeten nog opgestart worden. Momenteel loopt er ook een onderzoek m.b.t. de oorzaken en motieven van vroegtijdige uittrede van leerkrachten. De resultaten van dit onderzoek worden verwacht in de loop van 2011. Pas na de afronding van dit onderzoek zal ik bekijken welke maatregelen genomen kunnen worden.”

__________

10.000 leraren met brugpensioen

Uitstroom in Vlaams onderwijs

In het Vlaams basis- en middelbaar onderwijs zijn ruim 10.000 leraars – zowat 8 procent van de 120.000 – op ‘brugpensioen’.

Hertekening onderwijs- loopbaan laat op zich wachten

Brussel

In het Vlaams onderwijs maken 10.000 leraars gebruik van formules van vervroegde uittreding die vergelijkbaar zijn met het brugpensioen in de priv�sector.

Ruim 5.000 maken gebruik van het zuivere TBS-systeem (Ter Beschikking Stelling voorafgaand aan het pensioen): dit is vanaf 56jaar in het kleuter- en vanaf 58 in lager en middelbaar onderwijs.

En nog eens 5.000 maken gebruik van vergelijkbare formules van voorafgaande voltijdse of deeltijdse (1/4 of 1/2) vervroegde uittreding vanaf 55 jaar.

Dat kost de overheid 216 miljoen euro per jaar. Zo meldde de Vlaamse minister van Onderwijs, Pascal Smet (SP.A), aan Vlaams parlementslid Jos De Meyer (CD&V).

De TBS’ers zijn nog niet op pensioen; tot hun zestigste betaalt Onderwijs ongeveer 70 procent van hun loon. Op hun zestigste mo�ten ze op pensioen. Dan vergroten ze de almaar groeiende groep ambtenaren die op 60 vervroegd op pensioen gaat.

Het TBS-stelsel dateert van de jaren tachtig, toen zeer grote groepen jongeren voor een lerarenopleiding kozen terwijl de bezuinigingen en de geboortedaling het aantal lerarenjobs deed dalen. Er studeerden toen dubbel zoveel jonge leraars af dan er nodig waren. Vervroegde uittreding van 55-plussers om plaats te maken voor jongeren, paste in de tijdsgeest.

De regeling werd voor onbepaalde duur verlengd in 1989, hoewel het teveel aan jonge leerkrachten toen al grotendeels was weggewerkt. Maar de vervroegde uitstap werd toen gezien als ‘sociale vooruitgang’.

In 2000 was er een poging om het stelsel af te schaffen, omdat er een almaar groter lerarentekort dreigde. Dat mislukte. De TBS-leeftijd werd wel verhoogd van 55 naar 58 jaar, maar dat werd afgezwakt met overgangsmaatregelen voor leraren geboren tussen 1947 en 1954.

Kan de vervroegde uittreding behouden blijven? Dat vroeg parlementslid Jos De Meyer ook nog aan minister Smet.

Die zegt, net als vorig jaar, dat de discussie over het ‘loopbaaneinde’ deel moet uitmaken van onderhandelingen met werkgevers en vakbonden over de ‘hertekening van de hele lerarenloopbaan’. Een heel gamma maatregelen zou de instroom van studenten in de lerarenopleiding moeten verhogen, het vroegtijdig afhaken van jonge afgestudeerde leerkrachten moeten afremmen, en de neiging tot een te vroege uitstroom van de ouderen moeten afremmen.

Jos De Meyer aanvaardt dat daarover ‘grote onderhandelingen’ moeten worden gevoerd. Maar die zullen wellicht lang duren. Hij suggereert om al tussentijdse maatregelen te nemen omdat het lerarentekort nijpend wordt en de verhoging van de feitelijke uitstapleeftijd overal nagestreefd wordt.

‘Betaal ze eventueel wat meer als ze langer blijven, of laat ze wat minder uren presteren als ze langer willen werken.’
(De Standaard, Guy Tegenbos)
__________

VLAAMS PARLEMENT
₪ SCHRIFTELIJKE VRAGEN

PASCAL SMET
VLAAMS MINISTER VAN ONDERWIJS, JEUGD, GELIJKE KANSEN EN BRUSSEL

Vraag nr. 129
van 6 december 2010
van JOS DE MEYER

Onderwijspersoneel in TBS – Stand van zaken

Het besluit van de Vlaamse Regering betreffende de volledige terbeschikkingstelling wegens persoon-lijke aangelegenheden voorafgaand aan het rustpensioen voor personeelsleden van het onderwijs en van de centra voor leerlingenbegeleiding regelde de “terbeschikkingstelling wegens persoonlijke aan-gelegenheden voorafgaand aan het rustpensioen in het onderwijs”, een maatregel die in de onderwijs-sector beter bekend is als “TBS”.

Bij besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2002 werd de regeling bijgestuurd met als be-langrijkste maatregel dat de uitstapleeftijd vanaf 1 september 2002 werd opgetrokken tot 58 jaar. Voor leerkrachten in het ambt van kleuteronderwijzer of kleuteronderwijzer algemene en sociale vorming werd de uitstapleeftijd op 56 jaar gebracht.

Het Rekenhof bracht in 2007 een rapport uit over TBS-regeling in het onderwijs en drong daarin onder meer aan op meer transparantie met betrekking tot de kredieten die besteed worden aan onderwijsper-soneel met TBS in de onderwijsbegroting.

1. Wat is de loonlast van personeelsleden met TBS uitgesplitst naar onderwijsniveau voor 2009?

2. Over hoeveel personeelsleden gaat het nog in elk onderwijsniveau in 2009?

3. Hoe ziet de minister het TBS-systeem evolueren in het kader van het eindeloopbaandebat? Denkt hij eventueel aan incentives om leerkrachten langer aan het werk te houden
__________
PASCAL SMET
VLAAMS MINISTER VAN ONDERWIJS, JEUGD, GELIJKE KANSEN EN BRUSSEL

ANTWOORD
op vraag nr. 129 van 6 december 2010
van JOS DE MEYER

1. De loonlast van personeelsleden met TBS uitgesplitst per onderwijsniveau voor het jaar 2009 vindt u in bijgevoegde tabel.

Gewoon basisonderwijs: 89.720.890
Buitengewoon basisonderwijs: 8.254.788
Gewoon secundair onderwijs: 103.606.051
Buitengewoon secundair onderwijs: 7.022.088
Deeltijds kunstonderwijs: 2.201.073
Volwassenenonderwijs: 1.581.605
CLB: 541.118
Inspectie en PBD: 3.126.933
Eindtotaal: 216.054.546

2. Hieronder vindt u een overzicht van het aantal personeelsleden dat op 1 januari 2009 geniet van een voltijdse of deeltijdse bonus of van een TBS56/58+.

Gewoon basis: 3.665
Buitengewoon basis: 374
Gewoon secundair: 4.687
Buitengewoon secundair: 326
Volwassenenonderwijs: 101
Deeltijds kunstonderwijs: 118
Diverse andere categorieën: 1.041
Eindtotaal: 10.312

3. Zoals u zelf al vermeldt, moet het TBS-stelsel gekaderd worden in het eindeloopbaandebat dat ik met de sociale partners zal voeren. De gesprekken hierover moeten nog opgestart worden. Momenteel loopt er ook een OBPWO-onderzoek m.b.t. de oorzaken en motieven van vroegtijdige uittrede van leerkrachten. De resultaten van dit onderzoek worden verwacht in de loop van 2011. Pas na de afronding van dit onderzoek zal ik bekijken welke maatregelen genomen kunnen worden.

5.550.000 euro voor werken aan de N406 te Dendermonde

Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer vernam van Vlaams minister van openbare werken Hilde Crevits dat volgende werken voorzien zijn voor de N406 te Dendermonde:
– Voor de ontsluiting van VPK te Oudegem wordt een rondweg rond het bedrijf voorgesteld. Het kruispunt en de overweg zullen meer beveiligd worden. Aan de noordzijde van de spoorlijn wordt een nieuw fietspad voorzien en aan de zuidzijde wordt de Hoogtestraat als functionele rijbaan geheel heraangelegd. De start van de werken is voorzien voor 2012. De werken worden geraamd op 3.300.000 euro.
– Voor de doortocht te Oudegem worden structureel onderhoud aan de gewestweg, de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel, het vernieuwen van de voetpaden en de heraanleg van het kerkplein voorzien. De start van de werken is voorzien voor 2013. De kostprijs ten laste van het Vlaams gewest wordt geraamd op 750.000 euro.
– Tussen Gijzegem en Oudegem wordt het structureel onderhoud aan de gewestweg, de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel en het aanleggen van vrijliggende fietspaden voorzien. De start van de werken is voorzien in 2013. De kostprijs ten laste van het Vlaams gewest wordt geraamd op 1.500.000 euro.

Reeds in 2011 wordt gestart met de herinrichting van de N42 te Wetteren

Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer vernam van minister van openbare werken Hilde Crevits dat in 2011 250.000 euro wordt voorzien om de studie betreffende de herinrichting van de N42 te Wetteren, tussen het op- en afrittencomplex van de E40 en het kruispunt N42XN46 conform het streefbeeld uit te werken.
Enkel het stuk E40-Gijzenzelestraat wordt gezien de hoogdringendheid tot een aanbestedingsdossier uitgewerkt. De gemeente Oosterzele koppelt hier eveneens rioleringswerken aan.
Om de verkeersveiligheid op het wegvak Gijzenzelestraat-N46 te verhogen wordt in de zomer van 2011 de uitvoering van volgende werken en maatregelen voorzien:
– weren fiets- en landbouwverkeer
– aanbrengen geschilderde middenberm, zonder fysieke afscheiding
– afsluiten Kwaadbeek, Roosbloemstraat en alle zijwegen ten zuiden van
’t Parksken
– plaatsen van VRI t.h.v. kruispunt ’t Parksken –N42
– aanleg van ventwegen.
De werken voor het wegvak E40- Gijzenzelestraat worden voorlopig geraamd op 4.000.000 euro.

Herinrichting Zuidlaan te Wetteren gaat van start in 2013

In het indicatief investeringsprogramma wegen 2011-2013 voor de provincie Oost-Vlaanderen is voor het jaar 2012 voor de herinrichting van de Zuidlaan te Wetteren op de N416/N417 voor fase 1 100.000 euro voorzien.
Dit vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer als antwoord op een schriftelijke vraag aan minister van openbare werken Hilde Crevits.
De studie voor de heraanleg van de N416/N417 wordt in 2011 opgestart. Er worden een structureel onderhoud aan de gewestweg, de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel en het vernieuwen van de voetpaden voorzien. De start van de werken is gepland voor 2013.
De werken worden geraamd op 1.500.000 euro, waarvan 600.000 euro ten laste van het Vlaamse gewest.

1.750.000 euro voor de heraanleg van de N9 te Kwatrecht (Wetteren)

Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer kreeg als antwoord op een vraag aan Vlaams minister van openbare werken Hilde Crevits dat in het jaar 2012 voor de heraanleg te Kwatrecht, Wetteren op de N9 1.750.000 euro wordt voorzien. Meer bepaald worden een structureel onderhoud aan de gewestweg en de aantakkende gemeentewegen, de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel en het vernieuwen van de voetpaden en de heraanleg van het kerkplein voorzien.
De start van de werken is voorzien voor 2012.

Reglementair kader voor personeel semi-internaten zit in de pijplijn

Voor de prestatieregeling van de personeelsleden verbonden aan de semi-internaten is geen algemeen reglementair kader vastgelegd. Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer vroeg minister van onderwijs Smet wanneer er duidelijkheid en vooral eenvormigheid zal komen voor het personeel. De minister stelde dat de regelgeving over de internaten aan een grondige modernisering toe is en dat dit één van de elementen is die valt onder de intentie uit het regeerakkoord om de onderwijsregelgeving eenvoudiger en transparanter te maken.

Smet engageerde zich om samen met minister Jo Vandeurzen, die bevoegd is voor Welzijn, en het werkveld een omvattend reglementair kader uit te werken voor de (semi)residentiële internaatsopvang van jongeren in het gewoon en buitengewoon onderwijs. Onder andere over de prestatieregeling van het personeel, het kwaliteitstoezicht en de veranderende opdracht van de internaten zou daarmee duidelijkheid moeten komen.

5 miljoen euro voor N41 te Temse

In het indicatief investeringsprogramma wegen 2011-2013 voor de provincie Oost-Vlaanderen is voor het jaar 2013 voor de herinrichting van het vak Hamme – Temse op de N41 te Temse 5 miljoen euro voorzien, dit vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer als antwoord op een schriftelijke vraag aan minister van openbare werken Hilde Crevits. Op dit moment wordt de studiefase afgerond en een definitief ontwerp opgemaakt. De tweede fase, de eigenlijke herinrichting van de N41 voor doorstromend en lokaal verkeer en de aanleg van fietspaden en een riolering, zal na het afronden van de aanbestedingsprocedure vermoedelijk pas in 2013 volgen.

Beplantingen op E34/N49

Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer kreeg als antwoord van minister van openbare werken Hilde Crevits dat in 2011 beplantingen zullen worden aangebracht op de E34 op vak Antwerpen – Zelzate ter hoogte van de centrale brug te Stekene. Voor 2012 is er een gelijkaardig project op de N49 ter hoogte van Ramonshoek gepland. Het aanbestedingsdossier is momenteel in opmaak. De werken zullen in de eerste helft van 2011 worden aanbesteed en zullen zo’n 50 000 euro kosten.

740 000 euro voor onderhoud gewestwegen op grondgebied Temse

Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer vernam eveneens van minister van openbare werken Hilde Crevits dat in het eerste kwartaal van 2011 een dossier wordt aanbesteed voor het structureel onderhoud van de gewestwegen op het grondgebied van Temse. De kostprijs zal zo’n 740 000 euro bedragen.

1,4 miljoen euro voor St. Lievenstunnel en Beverentunnel

De herstellingswerken aan de Beverentunnel en de St. Lievenstunnel in Gent werden recent aanbesteed, dit vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer van minister voor openbare werken Hilde Crevits. De werken zullen in het eerste kwartaal van 2011 worden opgestart en zullen zo’n 1,4 miljoen euro kosten.

Thermoplastische wegmarkeringen in Sint-Niklaas

In 2011 zullen op diverse plaatsen in het wegendistrict Sint-Niklaas thermoplastische markeringen worden geplaatst, dit vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer van minister voor openbare werken Hilde Crevits. De kostprijs zal in totaal zo’n 75 000 euro bedragen. De volgende jaren zal de techniek ook nog in andere districten worden toegepast.

Opvolging capaciteitsproblemen in Vlaamse steden

Recente demografische evoluties in centrumsteden zouden capaciteitsproblemen in de hand kunnen werken. Op 10 november 2010 stelde minister Smet een eerste voortgangsrapportage rond deze problematiek voor. De start van het tweede semester leek Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer een goede gelegenheid om de minister om een nieuwe stand van zaken te vragen.

Vorig jaar waren vier steden betrokken: Antwerpen, Gent, Halle en Vilvoorde. Om goed voorbereid te zijn werden eerder dit jaar alle centrumsteden en alle steden die beantwoordden aan bepaalde parameters aangeschreven. Het ging in totaal om 24 gemeenten. De helft bezorgde sleuteldata (Asse, Grimbergen, Genk, Hasselt, Kortrijk, Leuven, Roeselare, Ronse, Mechelen, Sint-Niklaas, Sint-Pieters-Leeuw, Sint-Truiden). Vijf gemeenten bezorgden geen gegevens (Aalst, Lokeren, Maasmechelen, Temse en Turnhout) en vier gemeenten reageerden helemaal niet (Brugge, Dilbeek, Geel en Heist-op-den-Berg) en drie gemeenten hebben laten weten geen capaciteitsprobleem te hebben (Ninove, Tienen en Oostende).

Ondertussen werd ook vanuit Geel en Heist Op Den Berg gereageerd wist de minister te melden. De gemeente Temse startte ondertussen ook een onderzoek op en de stad Turnhout deelde mee dat op basis van hun analyse er geen problemen verwacht worden. Dilbeek bezorgde ondertussen ook zijn sleuteldata, maar deze vragen verdere analyse: want alhoewel de nataliteitscijfers daar constant blijven valt daar toch een toename van het aantal ingeschreven kleuters en het aantal weigeringen op te tekenen.

Van de vier gemeenten die eind oktober 2010 per brief werden voorgesteld om in functie van de capaciteitsproblematiek een taskforce samen te roepen, aldus de minister, hebben ondertussen enkel de gemeenten Grimbergen en Mechelen hieraan gevolg gegeven. Asse en Leuven hebben dat nog niet gedaan. Daarnaast is ook de stad Roeselare ingegaan op het voorstel om minstens eenmalig een lokale taskforce samen te roepen om de situatie lokaal te bespreken. De gemeente Grimbergen heeft op 9 december 2010 een startvergadering gehouden van haar lokale taskforce. In de gemeente Mechelen zal de startvergadering van de lokale taskforce capaciteit basisonderwijs plaatsvinden op 27 januari 2011. In de gemeente Roeselare wordt een startvergadering gepland, wellicht op 2 of 9 februari 1011.

Voorlopig werd in de begroting 1 miljoen euro opgenomen voor eventuele maatregelen. Bij de begrotingscontrole zal dat cijfer eventueel worden herbekeken in functie van de werkelijke behoeften. De minister kondigde voor januari 2011 ook de start aan van een onderzoeksteam om op langere termijn een capaciteitsmonitor uit te werken om de zwarte vlekken mee te kunnen monitoren.

Jos De Meyer heeft er zijn twijfels bij of het steeds het beste is om de ‘regierol’ in handen te geven van de steden en gemeenten. Kennen zij alle onderwijsnetten even goed? Is er een vlotte doorstroming van de nodige informatie? Is er geen risico van een zeker favoritisme voor het eigen (gemeentelijk) net?

Over het dossier van de nieuwe maar niet in gebruik genomen school in de Krugerstraat in de wijk Zurenborg te Antwerpen wou de minister niet veel kwijt. Hij stelde dat alle stappen samen met OVAM en de stad Antwerpen werden gezet. Hij verdedigde zich door te stellen dat de modules inderdaad werden geleverd en geplaatst maar dat deze niet verankerd werden. De aanvraag tot bouwvergunning werd ingetrokken door de stad Antwerpen.

Jos De Meyer reageert ontgoocheld op deze uitleg. “In tijden van capaciteitsproblemen op vervuilde terreinen én zonder bouwvergunning een schoolcomplex bouwen met speciale Vlaamse noodkredieten en dan beweren dat er ‘niets aan de hand is’, is een brug te ver. Toegeven dat er een fout is gemaakt is het minste dat aan de orde is.”

Blijvende aandacht voor armoede en hoger onderwijs noodzakelijk

In 2010, het Europees jaar van de armoede, bekeek de Vlaamse Onderwijsraad (VLOR) de link tussen armoede en hoger onderwijs. In dit advies stelt de VLOR vast dat de weg naar het hoger onderwijs nog steeds onvoldoende gekend is voor mensen in armoede. Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer ondervroeg minister van onderwijs Smet over de beleidsmatige aanpak van armoede.

De minister stelde als beginpunt dat er eigenlijk geen cijfers beschikbaar zijn die de participatiegraad van mensen in armoede aan het Vlaams hoger onderwijs meten. Op basis van het aantal beursstudenten, als je dit als proxy voor studenten in armoede in het hoger onderwijs gebruikt, kan je wel concluderen dat het aantal studenten in armoede aan de hogescholen hoger is dan aan de universiteiten.

Beleidsmatig is er een pakket maatregelen: de verbreding van de mogelijkheden van hbo5 die momenteel op gang komen, de middelen van het Aanmoedigingsfonds, en er zijn zeker nog kansen waar het de sociale voorzieningen en de mobiliteit van studenten betreft. De middelen voor de sociale voorzieningen voor de studenten – aldus Smet – kunnen op een nog meer selectieve wijze worden ingezet voor de studenten uit de lagere socio-economische groepen. Ook in het op stapel staande actieplan ter bevordering van de mobiliteit van studenten zal hieromtrent specifieke acties opnemen, verzekerde hij.

Ook in 2011 zullen de resultaten van de eerste ronde beheersovereenkomsten van het Aanmoedigingsfonds geëvalueerd worden en zullen de nieuwe beheersovereenkomsten worden voorbereid. Tegelijk loopt momenteel een onderzoek naar de invoering van een automatische toekenning van studiefinanciering. De diversiteitsprojecten in de lerarenopleiding en tutoringprojecten waarbij hoger en secundair onderwijs samenwerken, zullen op korte termijn structureel worden verankerd en gesubsidieerd.

De interfederale armoedebarometer van 2009 geeft aan dat 13,8% van de jongeren tussen 18 en 24 jaar geen onderwijs volgt en ten hoogste een diploma lager middelbaar onderwijs heeft (berekend op alle jongeren tussen 18 en 24 jaar). De grote meerderheid van de potentiële studenten uit de doelgroep mensen in armoede stroomt dus niet door naar het hoger onderwijs. Heel wat potentieel talent gaat verloren, aldus Jos De Meyer. “Er is nog een pak werk voor de boeg. Het thema armoede moet op de agenda van de commissie Onderwijs blijven staan. Zeker nu de grote hervorming van het hoger onderwijs op til staat.”

Verwachtingen zuivelsector voorzichtig positief

“De zuivelsector heeft wereldwijd in de periode 2007-2009 grote prijsschommelingen gekend. De torenhoge prijzen van 2007 werden gevolgd door zeer lage prijzen in 2009. Ondertussen is de markt gestabiliseerd en zijn de melkprijzen opnieuw gunstig en redelijk stabiel.
Op korte termijn zijn de verwachtingen voorzichtig positief. Toch is het door de grote onderhevigheid van deze markt aan volatiliteit belangrijk om de vinger aan de pols te houden. Een blijvende evaluatie is dus nodig.”, antwoordde Minister-president Kris Peeters op een vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer in de commissie Landbouw over de toestand in de zuivelsector.

De strategie vanuit de EU is om de melkveehouders de kans te geven marktgerichter te gaan produceren zonder het maken van quotumkosten. In het zuivelpakket voorgelegd door de Commissie in de loop van de maand december worden vier aandachtspunten naar voor gebracht:
1/ het versterken van de onderhandelingsmacht van de melkveehouders,
2/ het ondersteunen van interbrancheorganisaties,
3/ het bevorderen van transparantie,
4/ het stimuleren van contractuele betrekkingen tussen de verschillende spelers in de zuivelkolom.

De strategie vanuit Vlaanderen is om vanuit continu overleg met de sector via de Rondetafel Zuivel onze melksector verder voor te bereiden op een quotumloos tijdperk. Gisteren heeft er nog een vergadering van de Ronde Tafel plaatsgevonden op mijn kabinet. Zo zal de wetgeving op Vlaams niveau, waar mogelijk, verder vereenvoudigd worden; het nieuwe EU zuivelkader en zijn toepasbaarheid op Vlaanderen zal van nabij worden opgevolgd.

De Minister-president besloot zijn antwoord met nogmaals het belang van de coöperaties te onderlijnen: “De coöperaties vormen in Vlaanderen een belangrijk en essentieel element in de productie en verwerking van melk.”

Containerschool werd gebouwd op verontreinigde bodem

Een van pasgebouwde Antwerpse scholen staat leeg na bezwaarschrift buurtcomité

Containerschool werd gebouwd op verontreinigde bodem

Een van de nieuwgebouwde Antwerpse modulaire scholen, die mee het capaciteitsprobleem in het basisonderwijs moesten oplossen, staat leeg. Reden: de school staat op zwaar verontreinigd terrein. Dat blijkt uit een onderzoek van Vlaams Parlementslid Jos De Meyer (CD&V). De kinderen die in de school ingeschreven zijn, vonden ondertussen elders onderdak.

Door Kim Herbots

Antwerpen l Volgende week beginnen in Antwerpen de inschrijvingen voor het komend schooljaar. Alvast de stad Antwerpen heeft nog enkele containerklassen op overschot. De lokalen die De Caleidoscoop in de Krugerstraat moesten vormen, zijn voorlopig ongebruikt.

Vanaf de straat is de school niet te zien, maar achter de parking van De Lijn, op de hoek van de Kruger- en Pretoriastraat in Berchem staat ze wel degelijk: een school voor 75 leerlingen, inclusief administratieve ruimtes en refter. Helemaal afgewerkt is het gebouw niet. Mocht dat wel het geval geweest zijn, dan had het schooltje volgens kenners om en bij de 400.000 euro gekost, aansluitingen op de nutsvoorzieningen niet inbegrepen. Nu zou dat bedrag maximaal een kwart lager liggen.

Wat De Caleidoscoop moest worden, staat op een terrein van de voormalige Intercommunale Gasvoorzieningen van Antwerpen en Omgeving (IGAO). De grond werd eind 2008 verkocht aan de stad Antwerpen en die plant er een woonwijk. Na bodemsanering welteverstaan. “Die terreinen zijn zwaar vervuild”, zegt Jan Verheyen, woordvoerder van de Openbare Afvalmaatschappij (OVAM). “Op dat domein was vroeger een gasinstallatie en in de grond zitten nog steeds teer, olie en zware metalen. Een sanering is zelfs urgent en de saneringsverplichting is bij de verkoop in 2008 overgegaan naar de stad.” De sanering kwam er voorlopig niet. Een school wel.

SOS Zurenborg

Voor het modulaire gebouw werd een bouwvergunning aangevraagd. OVAM bekeek de zaak en kwam tot de conclusie dat een tijdelijke school enkel kon nadat er aan strenge voorwaarden werd voldaan. Zo moest er op voorhand een luchtmeting gedaan worden en zou van de plannen afgezien moeten worden als de resultaten slecht waren. Er mochten ook geen stukken verharde bodem opgegraven worden en alle niet-verharde grond zou van de kinderen afgeschermd moeten worden. Zodra de school in werking was, adviseerde OVAM om maandelijks binnen- en buitenluchtmetingen te doen om de situatie op te volgen.

“In feite vroegen we ons af of het sop de kool wel waard was”, zegt Verheyen. “Het leek ons in ieder geval geen plek die opportuun was om een school neer te zetten.” Of de gevraagde luchtmeting ooit werd uitgevoerd, weet Verheyen niet.

Toen bleek dat de containers er toch kwamen, schoot het lokale comité SOS Zurenborg in actie. “De teer zit tot diep in de grond en het grondwater”, zegt Dirk Schampaert van SOS Zurenborg. “Eerder al stootte een projectontwikkelaar op een njet van OVAM. Dit is, zonder die sanering, geen plek voor een school. Wij hebben dan ook een bezwaarschrift ingediend.”

Met succes, zo blijkt, want kinderen speelden er nooit in de klaslokalen aan de Krugerstraat en ondertussen is het idee van een tijdelijke school op het terrein definitief afgevoerd. Maar de lokalen staan er nog wel. “Vooral het feit dat de units er kwamen vooraleer de bouwvergunning helemaal in kannen en kruiken was, vind ik erg”, zegt, CD&V-parlementslid Jos De Meyer, die vandaag de zaak aan de kaak zal stellen in de commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement. “Als de overheid de burger regels oplegt voor ruimtelijke ordening dan heeft ze zich daar zelf zeker aan te houden.”

De kinderen die ingeschreven waren in de nieuwe school kregen elders een plaats. “Dat doet mij dan weer vragen stellen over de noodzaak van deze school: blijkbaar was er toch plaats”, meent De Meyer. De geplande school De Caleidoscoop komt er nochtans wel degelijk, maar dan op een andere locatie in de wijk.

Opslaglocatie

De stad relativeert de kwestie. “Wij dachten in eerste instantie dat de sanering in twee fasen zou gebeuren en dat er in de tussentijd alvast een school kon komen”, zegt Joke Cortens van het kabinet van onderwijsschepen Robert Voorhamme (sp.a). “De units werden geleverd, maar toen bleek dat er geen school mocht zijn tijdens de sanering, die voor 2012 gepland staat, en dat er aan een heleboel voorwaarden voldaan moest worden, hebben we toch van het plan af gezien en zijn de containers niet verder afgewerkt.”

Dat de units geldverspilling zouden zijn, ontkent Cortens. “Ze staan er nu in afwachting van gebruik elders”, zegt ze. “Noem het een werf of een opslaglocatie, maar die klaslokalen komen zeker nog van pas.”

Jos De Meyer (CD&V-parlementslid):

Vooral het feit dat de units er kwamen voor de bouw-vergunning in kannen en kruiken was, vind ik erg.
(De Morgen, Kim Herbots)

Beoordeling bezwaarschriften duurzaamheidsovereenkomsten zal met gezond verstand gebeuren

Bij de beoordeling van eventuele bewaarschriften naar aanleiding van de definitieve evaluatie van de samenwerkingsovereenkomst ‘Milieu als opstap voor duurzame ontwikkeling’ voor het jaar 2009, zal minister voor leefmilieu Joke Schauvliege het gezond verstand laten primeren. Zij verzekerde, op vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer, dat er zorgvuldig afgewogen zal worden of een eventuele sanctie wel evenredig is met de begane overtreding.

Bijna een kwart van de gemeenten (61 van de 273) werden dit jaar afgekeurd voor de rubriek ‘Energieprestatie en binnenklimaat’ (EPB) op basisniveau. Voor vele gemeenten betreft het de enige afkeuring, maar hierdoor zou de hele vergoeding op basisniveau niet worden toegekend. De basissubsidie maakt echter het grootste deel uit van de subsidies die gemeenten in het kader van de samenwerkingsovereenkomsten ontvangen.

Voor gemeenten die om goede redenen niet aan gevraagde verplichtingen konden voldoen of duidelijke inspanningen leverden om aan de verplichtingen te voldoen, zal een gepaste beslissing worden genomen afhankelijk van het voorgelegde dossier, aldus de minister.
__________
Commissievergadering nr. C93 – LEE15 (24 2010-2011) – 11 januari 2011

Vraag om uitleg van de heer Jos De Meyer tot mevrouw Joke Schauvliege, Vlaams
minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur, over de evaluatie van de
samenwerkingsovereenkomst 2009 ‘Milieu als opstap naar duurzame ontwikkeling’
– 812 (2010-2011)

De voorzitter: De heer De Meyer heeft het woord.
De heer Jos De Meyer: Voorzitter, minister, collega’s, begin december 2010 ontvingen
steden en gemeenten de definitieve evaluatie van de samenwerkingsovereenkomst ‘Milieu als
opstap voor duurzame ontwikkeling’ voor het jaar 2009.

Bijna een kwart van de gemeenten, 61 van de 273, werden afgekeurd voor de rubriek
‘Energieprestatie en binnenklimaat’ (EPB) op basisniveau. Voor vele gemeenten betreft het
de enige afkeuring, waardoor de hele vergoeding op basisniveau niet zou worden toegekend.
De basissubsidie is echter het grootste deel van de subsidies die gemeenten in het kader van de samenwerkingsovereenkomsten ontvangen.
Het Vlaams Energieagentschap (VEA) legt op dat de EPB-nummers van de
bouwvergunningen en -meldingen maandelijks doorgestuurd dienen te worden naar het VEA.
Deze maatregel werd ingevoerd in 2006 en werd in 2008 geïntegreerd in de nieuwe
contracttekst van de samenwerkingsovereenkomst. In de rapportering van 2008 werd slechts een handvol gemeenten afgekeurd, dit omdat ze helemaal geen gegevens hadden
doorgestuurd.
Voor de rapportering van 2009 werden echter plots strengere criteria toegepast. Concreet werden de besturen die de gegevens minder dan vijfmaal hadden doorgestuurd, plots afgekeurd en dit zonder dat hier vooraf over werd gecommuniceerd. Pas in het najaar van 2010 – toen het dossier voor 2009 al lang was overgemaakt – werd hierover een schrijven gericht naar de diensten ruimtelijke ordening van de Vlaamse gemeentebesturen. Gemeenten die sinds 2006 in een vast, regelmatig tempo, bijvoorbeeld eenmaal per kwartaal, alle gegevens correct doorsturen, worden dus plots heel zwaar gestraft. Het subsidieverlies kan tot meer dan 130.000 euro oplopen.
Op basis van – excuseer dat ik het zo moet zeggen – vormelijkheden en zonder het tijdig verstrekken van informatie, op dergelijke wijze verregaand ingrijpen, lijkt toch in te gaan tegen het rechtvaardigheidsgevoel en tegen de geest en bedoeling van de samenwerkingsovereenkomsten.
Vandaar, minister, de volgende vragen. Hebt u weet van deze problematiek? Vanwaar de
plotse wijziging in de manier waarop de criteria werden toegepast? Werden de betrokken
gemeentebesturen volgens u tijdig geïnformeerd over deze wijziging? Vindt u het billijk dat partners die op regelmatige basis hun gegevens doorsturen, even streng worden gestraft als degenen die niets doorsturen? Zult u in het licht van de eventuele beroepsprocedures bij de beoordeling rekening houden met deze elementen?
De voorzitter: De heer Callens heeft het woord.
De heer Karlos Callens: Voorzitter, minister, ik wil me aansluiten bij de vraag. We hebben dit ernstig besproken met een aantal burgemeesters en onze reactie is om in de toekomst de overeenkomsten gewoon naast ons neer te leggen. Dat is heel gevaarlijk met het oog op het bereiken van de doelstelling van de overeenkomsten die indertijd werd vastgelegd. Als de burgemeesters de overeenkomsten negeren, hebben ze er natuurlijk geen subsidies of inkomsten meer van, maar dan zullen ze ook het bermmaaisel niet meer oprapen noch andere milieu-inspanningen leveren. We moeten toch heel voorzichtig zijn.
Minister, wegens het probleem van de beperkte budgetten, is het misschien interessant om net zoals vroeger een aantal zaken bij de gemeenten goed te keuren, eventueel op basis van minder strenge regels, en om de totale subsidie per gemeente te verminderen zodat er toch meer gemeenten van kunnen gebruikmaken. Op die manier zullen de gemeenten toch inspanningen leveren om te proberen om de milieuovereenkomsten goed te keuren.
Mevrouw Marleen Van den Eynde: Minister, we hebben het voorbije jaar ook een discussie
gevoerd over de milieusamenwerkingsovereenkomsten en ook nu blijken ze tot zware
discussies te hebben geleid bij veel gemeenten. De gemeenten hebben immers veel
inspanningen geleverd. Ik blijf erbij dat de milieusamenwerkingsovereenkomst een goed
instrument is om gemeenten ertoe aan te zetten om inspanningen te doen voor ons leefmilieu.
Als er natuurlijk zulke zware subsidies aan worden gekoppeld die ook jarenlang werden
toegekend, maar er opeens strengere criteria worden gehanteerd, dan geraken de
gemeentebesturen gedemotiveerd. Ik meen ook dat er een slechte communicatie bestaat over de manier waarop de milieusamenwerkingsovereenkomst wordt beoordeeld of gedelibereerd.
Blijkbaar wordt er tussentijds onvoldoende van gedachten gewisseld met de
gemeentebesturen over wat de concrete verplichtingen zijn, wat er op het spel staat en hoe een aantal regels die opgenomen zijn in de milieusamenwerkingsovereenkomst, moeten worden geïnterpreteerd.
Minister, ik vrees ook een beetje dat als we dezelfde weg blijven volgen als het voorbije jaar,veel gemeentebesturen hun inspanningen om een aantal doelen te bereiken inzake leefmilieu,zullen afbouwen. We moeten de milieusamenwerkingsovereenkomst echt gebruiken om meer te bereiken in plaats van minder.
Ik denk dat we daar stilaan naartoe gaan. Ik heb tijdens het voorbije jaar het gevecht gezien van mijn eigen gemeente die haar subsidies in grote mate zag verminderen. Dat kan niet de bedoeling zijn. We moeten de gemeentebesturen ertoe aanzetten om meer te presteren.
Daarvoor is een goede samenwerking nodig. Er is ook een betere communicatie nodig met de gemeentebesturen. Er moet niet te veel vanuit de ivoren toren maar meer via contactpersonen worden gecommuniceerd. De voorbije jaren zagen heel wat gemeentebesturen hun subsidies verloren gaan. Ik wil dan ook vragen om die milieusamenwerkingsovereenkomst opnieuw te bekijken en na te gaan waar de discommunicatie zit. Het is de bedoeling te voorkomen dat de
gemeentebesturen afhaken.
De voorzitter: Minister Schauvliege heeft het woord.
Minister Joke Schauvliege: Mijnheer De Meyer, er is geen wijziging van de voorwaarden,
en ook geen gebrek aan communicatie.
Artikel 1 van het ministerieel besluit van 20 oktober 2006 betreffende het vaststellen van minimale voorwaarden bij de opname van gegevens in de energieprestatiedatabank verplicht de vergunningverlenende overheden tot het elektronisch doorzenden van een overzicht van de gegevens van stedenbouwkundige vergunningen. Het ministerieel besluit bepaalt dat dit maandelijks moet gebeuren. Het doorzenden van de vergunningsgegevens is voor het Vlaams Energieagentschap (VEA) essentieel om de energieprestatieregelgeving (EPB) te handhaven.
In de energieprestatiedatabank voegt de verslaggever aan het dossier met de vergunning, de startverklaring en de EPB-aangifte toe. Het VEA volgt op of dit voor elk vergunningsdossier wel gebeurt en onderneemt, indien nodig, actie. Wie niet voldoet, kan bestraft worden.
Het VEA stelde de gemeenten in 2006 op de hoogte van de verplichting tot maandelijks
doorsturen van de vergunningen. Dit gebeurde zowel elektronisch via nieuwsbrief en mail als via de gewone post.
In 2007 volgde een schrijven aan het college van burgemeester en schepenen en aan de
stedenbouwkundige ambtenaar van de gemeenten die nog geen vergunningen doorstuurden.
Daarnaast werden de gemeenten die geen elektronische gegevens verzonden, ook individueel gecontacteerd met de vraag om dit proces op te starten. Aangezien deze gegevens voor het VEA noodzakelijk zijn voor de handhaving van de energieprestatieregelgeving, werd de verplichting tot verzenden van de vergunningsgegevens ingeschreven in de contracttekst van de samenwerkingsovereenkomst sinds 2008. Gezien het een nieuwe verplichting betrof, was het VEA bij de beoordeling over 2008 soepel. Voor 2009 werd de evaluatie aangescherpt.
Het VEA hanteerde voor 2009 minimaal zes verzendingen als beoordelingscriterium. Ook dit
is nog ruim onder de verplichting die door het ministerieel besluit werd opgelegd.
Wanneer het VEA het criterium van maandelijkse verzending strikt zou hanteren, zouden nog veel meer gemeenten afgekeurd worden. Bovendien hanteerde het VEA een zekere
soepelheid wanneer duidelijk was dat er beterschap was. Zo werd voor gemeenten die slechts vijfmaal doorstuurden, bekeken of het aantal vergunningen voldoende was en of er in 2010 een meer regelmatige verzending gebeurde. Deze soepelheid is volgens het VEA echter niet onbeperkt rekbaar. Onder een bepaalde grens kan er niet meer gesproken worden van een regelmatige verzending.
Het VEA communiceert sinds 2006 op regelmatige tijdstippen over deze verplichting aan de gemeente. De contracttekst van de samenwerkingsovereenkomst bevat de verplichting sinds 2008. De gemeenten moeten zich baseren op de contracttekst voor het opstellen van hun milieujaarprogramma. In de tekst van de samenwerkingsovereenkomst staat duidelijk dat dit maandelijks moet gebeuren. Om de energieprestatieregelgeving op een efficiënte manier te kunnen handhaven door dossiers correct te koppelen, is het voor het VEA nodig dat de vergunningsgegevens regelmatig worden doorgestuurd. Wanneer de doorzending niet gemiddeld tweemaandelijks gebeurt, kan volgens het VEA niet worden gesproken van een regelmatige basis.
Ik kan moeilijk vooruitlopen op de beslissing over de bezwaarschriften die ingediend werden.
Algemeen kan ik wel stellen dat ik bij de beoordeling van de beroepen het gezond verstand wil laten primeren. Zo moet er afgewogen worden of de sanctie evenredig is met de overtreding.
Een ander element dat speelt, is of er externe omstandigheden zijn waardoor een gemeente niet of moeilijk aan haar verplichtingen kon voldoen, of een gemeente zich ingespannen heeft om zich in regel te stellen, en of de Vlaamse overheid zelf voldoende inspanningen geleverd heeft om aan haar verplichtingen in het kader van de samenwerkingsovereenkomst te voldoen. Ik zal die criteria hanteren om de bezwaarschriften te beoordelen.
Men kan niet zeggen dat er niet gecommuniceerd is. We kunnen wel nagaan wat er nog meer kan gebeuren. Wanneer ik echter via het VEA de gegevens opvraag, dan stel ik vast dat er een intensieve en individuele aanpak heeft plaatsgevonden van die gemeenten.
De voorzitter: De heer De Meyer heeft het woord.
De heer Jos De Meyer: Minister, ik ga er inderdaad van uit dat u en uw kabinet voldoende gezond verstand hebben om deze dossiers en de beroepsprocedure met de nodige wijsheid te beoordelen.
Ik wil ook even ingaan op de verdediging van het VEA. Met louter vormelijkheden vanuit de administratie kan men geen goed beleid voeren. Dat blijkt ook uit de reacties van de collega’s die ik heb gehoord. Ik dank hen trouwens voor hun steun.
Wanneer zij strikt de wetgeving en de vormelijkheden toepassen, kan ik hen geen ongelijk geven. In de loop van de jaren is er een duidelijke verstrenging van de wijze waarop zij de regelgeving toepassen. Ik zal u een aantal voorbeelden bezorgen. Ik kan u aantonen dat de wijze van interpretatie in de loop van de jaren veel strakker is geworden.
Ik kijk uit naar de goede afloop van de behandeling van deze dossiers.
De voorzitter: Het incident is gesloten.

Drie miljoen euro voor onderhoud fietspaden Oost-Vlaanderen

Binnen het ontwerp van indicatief meerjarenprogramma openbare werken wordt de komende drie jaar telkens één miljoen euro voorzien voor het structureel onderhoud van de fietspaden langs gewestwegen in Oost-Vlaanderen. Op basis van het jaarrapport “Toestand van de fietspaden” zal een bundelbestek worden aanbesteed, waarmee het structureel onderhoud zal worden uitgevoerd op de meest prioritaire locaties. Dit vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer van minister van openbare werken Hilde Crevits.

Beste wensen!

Wijn in de winternacht
verzegeld uit de kelder,
maak onze woorden zacht
onze gedachten helder.

Kind in de winternacht
zo wit zo lang geleden,
verhevig onze kracht
voor een bewind van vrede.

Anton Van Wilderode

Een gelukkig jaar 2011!

Jos De Meyer