Wordt het platteland de dupe bij stroomschaarste?

Als door extreme condities het aanbod aan elektrische energie de vraag niet zou kunnen volgen, wordt een noodplan van kracht voor de energievoorziening. Het klopt dat er een afschakelplan bestaat waarbij gezinnen in landelijke gebieden enkele uren afgekoppeld zouden kunnen worden van de elektriciteitsvoorziening, antwoordde minister Peeters van plattelandsbeleid op de vraag daarover van Vlaams parlementslid Jos De Meyer. Bij extreme wintercondities en het vroegtijdig uit bedrijf stellen van Doel 3 en Tihange 2 zou dat eventueel mogelijk zijn.
Het is duidelijk dat de impact van zo’n ingreep zeer ingrijpend is, niet enkel voor de gezinnen maar ook voor de land-en tuinbouwbedrijven die sterk afhangen van continue en betrouwbare stroomvoorziening.
Veel land-en tuinbouwbedrijven hebben volgens de minister echter noodgeneratoren om hun essentiële installaties te blijven aandrijven. Op termijn kunnen ook warmtekrachtinstallaties, biomassa-installaties en windturbines op het platteland een rol spelen in een evenwichtige energievoorziening, als ze op een flexibele en economisch haalbare manier kunnen worden af-en aangeschakeld worden.
Tegen eind november zal Elia een meer gedetailleerd actieplan voorleggen. We zullen daarin uiteraard nagaan wat de mogelijke gevolgen zijn voor gezinnen en bedrijven op het platteland, besluit De Meyer. De land-en tuinbouwsector is immers niet enkel afnemer van elektriciteit, maar ook producent van die flexibel inzetbare hernieuwbare energie

Roofvogels: efficiënt maar duur

Houtduiven die op de akkers patrouilleren en zaaigoed oppikken, vormen een reëel probleem voor een aantal landbouwteelten, en daarom wordt geëxperimenteerd met verscheidene afschrikkingsmiddelen: veldkanonnen, opblaasbare poppen, sirenes en geluiden. Het Instituut voor Landbouw-en Visserijonderzoek (ILVO) zal binnenkort een studie publiceren over mogelijke maatregelen, waarin ook de bestrijding met roofvogels aan bod komt. Dat antwoordde minister Schauvlieghe van Leefmilieu op een vraag daarover door Vlaams parlementslid Jos De Meyer.
Roofvogels als slechtvalken en haviken laten zich goed trainen en worden onder meer gebruikt om middelgrote vogels te verjagen op vliegvelden. Bij experimenten op velden kolen en spruitjes kwamen de duiven echter al soms binnen het uur na het overvliegen van de havik terug. Om efficiënt te zijn, moeten de acties dus best frequent herhaald worden, wat de methode zeer duur maakt. Als de roofvogels worden ingezet op akkers binnen een jachtterrein, kan een valkenier bovendien enkel ingeschakeld worden mits toestemming van de persoon die het jachtrecht op dat terrein heeft.

Ecoscore van voertuigen: geven de kabinetten het goede voorbeeld?

Bij het beperken van milieuverontreiniging wil de regering het voorbeeld geven, stond in het Vlaamse regeerakkoord. Daarom moet het totale brandstofverbruik van de dienstvoertuigen tegen 2014 met 10% gedaald zijn tegenover 2009, antwoordde minister Bourgeois op een vraag daarover van Vlaams parlementslid Jos De Meyer. Bovendien wordt er gestreefd naar een gemiddelde ecoscore van 63 tegen het jaar 2015.

Op dit ogenblik heeft de Vlaamse overheid in totaal 3109 dienstvoertuigen in gebruik, de meeste in lease. Het gaat hem om auto’s van 33 verschillende merken. Opel levert met 632 voertuigen de meeste dienstwagens, maar er zijn ook 19 Dacia’s bij, 1 Lexus, 1 Chevrolet en 1 Atego.

Bij de 183 voertuigen die in 2011 verworven zijn door de Vlaamse overheid zijn er nog 22 met een ecoscore lager dan 63. 14 daarvan halen zelfs een ecoscore lager dan 53. Sommige auto’s met een slechte score werden van de hand gedaan: de Mercedes Viano met een ecoscore van 47 en een maandelijkse leaseprijs van 1020 euro is in 2011 afgevoerd door het kabinet van Energie.
Bij de kabinetten is de goedkoopste wagen een Citroën C1 uit 2008 (aanschafprijs 9826 euro) met een voorbeeldige ecoscore van 74, en de duurste is een BMW 730 LD met ecoscore 63 die maandelijks niet minder dan 2299 euro kost aan leasing

Meer kleuters op internaat

De laatste jaren neemt het aantal internen toe in het Vlaamse onderwijs. De meeste internen zijn leerlingen van het secundair onderwijs, maar ook het aantal kleuters op internaten neemt toe. In antwoord op een vraag van Vlaams parlementslid Jos De Meyer gaf minister Smet extra informatie.
Veel kinderen kiezen zelf voor een internaat, maar uiteraard geldt dat niet voor kleuters. Bij interne leerlingen gaat het vaker om kansarmen (tot 70%), hoewel internaat hoe dan ook duurder is dan extern schoollopen. Een groot aandeel van de kinderen van de “trekkende bevolking” is intern op school, maar het aandeel van die bevolkingsgroep is niet toegenomen. Hoewel het om kleine aantallen gaat, is het toch belangrijk dat het stijgende cijfer kleuters op internaat gevolgd wordt. Daarover gaat de minister akkoord met De Meyer. Er bestaan immers geen speciale internaten voor kleuters, en het hangt af van de eigen pedagogische visie van het internaat hoe men met kleuters omgaat.

Dank aan onze kiezers!

Hartelijk dank aan alle CD&V-kiezers, in het bijzonder aan de 1.128 kiezers die mij een voorkeurstem gaven.
Dank aan alle mensen die hebben meegeholpen aan de campagne!

De kaarten zijn verdeeld!

Zetelverdeling in Sint-Niklaas:

Lijst, Stemmen, %, Zetels

1 Open Vld: 3.429, 7,2 %, aantal zetels: 2
2 N-VA: 13.546, 28,5 %, aantal zetels: 13
3 VLAAMS BELANG: 5.562, 11,7 %, aantal zetels: 5
4 sp.a-Groen: 12.215, 25,7 %, aantal zetels: 12
7 CD&V: 7.394, 15,5 %, aantal zetels: 7
8 SOS 2012: 2.845, 6 %, aantal zetels: 2
9 S²NB TRANSPARANT: 512, 1,1 %, aantal zetels: 0
10 PVDA+: 849, 1,8 %, aantal zetels: 0
11 SNAB: 888, 1,9 %, aantal zetels: 0
12 FOERT: 325, 0,7 %, aantal zetels: 0

CD&V-verkozenen en hun voorkeurstemmen:

1 VAN DAELE Lieve: 2.460
2 HEYNDERICKX Marc: 1.411
3 DE MEYER Jos: 1.128
4 GHESQUIÈRE Julien: 770
5 DHOLLANDER Anita: 734
6 GORREBEECK Patric: 625
7 VAN HECKE Monique: 563

Maatschappij Linkerscheldeoever en Antwerps Havenbedrijf helpen bij restauratie Hof ter Walle

Het Hof ter Walle, een oude open polderhoeve aan de Oude Arenberg te Kieldrecht, is een beschermd monument dat nu eigendom is van de Vlaamse Landmaatschappij.
Op 5 september 201, nadat de instandhoudingswerken al waren aangevat, stortte het dak van de schuur in.
Op vraag van Vlaams parlementslid Jos De Meyer gaven de bevoegde ministers Bourgeois en Schauvlieghe informatie over de stand van zaken.

De ingestorte spanten van het dak worden ter plaatse bewaard in een stalling op het erf, zodat ze later mogelijk hergebruikt kunnen worden. Over de herbestemming van de hoeve is nog geen definitieve beslissing genomen, en een kostenraming voor de gehele restauratie is dus nog niet mogelijk. De instandhoudingswerken zullen gefinancierd worden door het Antwerps Havenbedrijf en de Maatschappij Linkerscheldeoever. Om aftakeling door leegstand te vermijden wordt het woonhuis van de hoeve momenteel gebruikt door het Instituut voor Natuur-en Bosonderzoek en door Natuurpunt.
Hopelijk wordt snel vastgelegd wat de uiteindelijke bestemming van de hoeve wordt, zodat begonnen kan worden met de restauratie van deze historische boerderij, aldus De Meyer.

“Samen voor een beter Sint-Niklas”

Maak de juiste keuze:

stem JOS DE MEYER
Voortrekker / Lijstduwer CD&V

“Vastberaden, gedreven en met kennis van zaken, zo heb ik Jos De Meyer leren kennen. Als minister-president van de Vlaamse regering zie ik wekelijks de inzet van Jos De Meyer in het Vlaams Parlement en voor zijn stad Sint-Niklaas.

Ik ben ervan overtuigd dat hij in zijn stad een grote rol kan spelen en het beleid in de komende 6 jaar mee in de juiste richting kan duwen. Ik steun Jos dan ook ten volle bij de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober.

Ik hoop dat hij ook op uw steun kan rekenen.”

Kris Peeters,
Vlaams minister-president

Doelse kogge: conservering vordert langzaam – van dok naar Eilandje

Bij graafwerken voor het Deurganckdok werden in 2000 overblijfselen gevonden van twee koggen, de belangrijkste middeleeuwse vrachtschepen. Eén van de twee, een bijna complete boot, is een topstuk van internationaal belang. Conservatrice Lore Poelmans heeft vastgesteld dat het hout van de kogge bacterieel geïnfecteerd is en doet daar op het ogenblik onderzoek naar. Bacteriologische werking is een onderdeel van het natuurlijke afbraakproces van alle organische materialen, detectie en opvolging daarvan is dus een belangrijk aspect van het conserveringsproces. Dat start zeker nog in 2012, verzekerde minister Bourgeois aan Vlaams parlementslid Jos De Meyer, die hem hierover had bevraagd.

De grootste helft van beide scheepswrakken is ondertussen overgebracht naar de Suezloods op het Antwerpse Eilandje, waar de conservatie zal plaatsvinden. Eerst wordt het hout gedurende minstens een half jaar ontzout, en daarna wordt het gedurende enkele jaren geïmpregneerd met het chemisch product PEG. In 2012 start de ontzoutingsfase voor de eerste containers waarvan het hout reeds ingetekend en geregistreerd werd. In het voorjaar van 2013 onderzoekt en registreert men het hout van de laatste containers, met aansluitend de ontzoutingsfase daarvan. De eerste houten onderdelen zullen bijgevolg rond 2017 geconserveerd zijn, de laatste rond 2018.
Daarna wordt de kogge heropgebouwd op de plaats waar het schip later ook ten toon gesteld zal worden. Waar dat is, en wanneer de kogge uiteindelijk bezocht kan worden in een museum, is voorlopig niet duidelijk. Er lopen besprekingen met mogelijke partners, en die zullen invloed hebben op de manier van presentatie.
Het is een goede zaak dat de Doelse kogge op termijn aan het publiek kan tonen hoe onze middeleeuwse vrachtschepen er uit zagen, vindt de Meyer, al zal het nog even duren voor dit topstuk uit ons geschiedkundig erfgoed te zien zal zijn.

Open Bedrijvendag opnieuw groot succes!

Ook in onze stad was de open bedrijvendag opnieuw een groot succes. Duizenden geïnteresseerden bezochten een tiental bedrijven in Sint-Niklaas.
Ik was samen met minister-president Kris Peeters te gast bij wereldspeler Newtec. 2 Miljard mensen wereldwijd kijken televisie dankzij de technologie van dit Sint-Niklase bedrijf. Indrukwekkend!

Scholengemeenschappen lossen personeelsproblemen zelf op, stelt Jos De Meyer vast.

Als het leerlingenaantal van een school terugloopt, vermindert ook de omkadering die die school krijgt van het Vlaamse ministerie van onderwijs, en dan is het uiteraard meestal niet mogelijk om de opdracht van alle personeelsleden op die school volledig te behouden. Vastbenoemde personeelsleden die uren verliezen, krijgen via de reaffectatiecommissie van hun scholengemeenschap dan andere uren toegewezen, en als er geen oplossing mogelijk is binnen de eigen scholengemeenschap, dan wordt hun dossier doorgegeven aan de overkoepelende Vlaamse Reaffectatiecommissie.
In antwoord op zijn vragen hierover vernam Vlaams parlementslid Jos De Meyer van minister Smet dat vorig schooljaar 163 personeelsleden van die Vlaamse Reaffectatiecommissie een plaatsing kregen in “organieke ambten”, dus in bestaande (maar eventueel tijdelijke) opdrachten buiten hun eigen scholengemeenschap. Voor 204 personeelsleden werd een wedertewerkstelling voorzien in “niet-organieke” ambten: die personeelsleden werden dus voor een deel van hun opdracht extra toegevoegd aan een scholengemeenschap.

Vaak gaat het bij zulke reaffectaties om kleine deeltjes van een opdracht die niet in de eigen scholengemeenschap konden worden opgelost, want bij de organieke reaffectatie waren omgerekend slechts 33,2 voltijdse equivalenten betrokken, bij de niet-organieke ging het om 79,9 voltijdse equivalenten.
Uit de cijfers blijkt dat de scholengemeenschappen zelf er steeds beter in slagen oplossingen te vinden voor hun personeelsproblemen.

Als je weet dat in 2009-2010 in totaal 156.174 voltijds-equivalenten aan de slag waren in het Vlaamse onderwijs, dan zijn de 113.1 voltijds-equivalenten van de Vlaamse reaffectatiecommissie geen groot probleem, vindt De Meyer. Het gaat hem om minder dan één promille van het personeelsbestand, en over deeltjes van opdrachten. Pittige opmerking in de marge: vanaf dit schooljaar mag een personeelslid een reaffectatie slechts weigeren als het gaat om een opdracht in een vestiging die zich verder dan 60 km bevindt van zijn woonplaats, ook als het gaat om zo’n deeltje van een opdracht, vaak nog op verschillende dagen (zeker als het gaat om vakken zoals wiskunde en taal, waarvan de uren best gespreid worden over het weekrooster van de leerlingen).
Volgens De Meyer was de vroegere afstandsnorm, 25 km, realistischer om mensen in de eigen scholengemeenschap of directe omgeving aan de slag te houden.

“Samen voor een beter Sint-Niklaas”

Jos De Meyer
Voortrekker / Lijstduwer

duwt heel gedreven de kandidaten van JONGCD&V:

Florence Verschueren, Trygve De Roeck, Raf Smet, Maarten Dierickx, Tom De Cuyper, Christine Manas-Fernandez, Roeland Schelfaut, Karla Stuer, Jens Vrebos, Annelies Van Himst (Saloua El Moussaoui en Nikita Jacob ontbreken op de foto)

Nog geen vlotte administratieve afhandeling van planschade

Als het Vlaamse gewest in een ruimer plan de bestemming van gronden wijzigt, kan de eigenaar of gebruiker van een grond daar nadeel van ondervinden. Dat is bijvoorbeeld het geval als landbouwgrond in een plan deel zou gaan uitmaken van een natuurgebied.
Om een dossier over planschade op een vlotte en efficiënte manier af te ronden is een administratieve afhandeling zeker te verkiezen boven een gerechtelijke procedure. Daarom vroeg Vlaams parlementslid Jos De Meyer al in februari 2011 wanneer die al jaren aangekondigde administratieve afhandeling mogelijk zou worden.

Minister Muyters verwees toen naar een werkgroep binnen het departement Ruimtelijke ordening die zich over die vraag zou buigen.
Nu, anderhalf jaar en twee parlementaire vragen verder, heeft die werkgroep in een advies aangetoond dat het over een complex probleem gaat, maar ze heeft er nog geen oplossing voor uitgewerkt. Toch moet die oplossing er volgens De Meyer nu wel zo snel mogelijk komen, en minister Muyters moet zijn verantwoordelijkheid nemen om te zorgen dat dat ook gebeurt.

Geen verbodsmaatregelen tegen Jacobskruiskruid

Het inheemse Jacobskruiskruid is een zeer giftige plant van bermen en weiden. Voor paarden is de plant levensgevaarlijk, vooral als ze in gedroogde vorm haar afstotende smaak kwijt is. Hooi van bermmaaisel met Jacobskruiskruid wordt dan ook niet dierenhouders bezorgd, antwoordde minister Schauvlieghe van leefmilieu aan Vlaams parlementslid Jos De Meyer op zijn vraag hierover.
De laatste jaren is er een sterke toename van het Jacobskruiskruid. Zaden ervan zitten volgens het Paardenloket ook vaak in pakjes kruidenmengsels met wilde bloemen, en dat werkt de verspreiding nog in de hand. Maatregelen daartegen zijn volgens de minister niet aan de orde omdat een verbod toch moeilijk te handhaven zou zijn. De nadruk blijft dus liggen op het sensibiliseren van de paardenhouders, niet op bestrijding. Dat is toch terughoudender dan vroeger, vindt De Meyer, want in 2010 had de minister op de commissie Leefmilieu gesteld dat op risicoplaatsen moest worden opgetreden en dat men de verspreiding van het kruid niet mocht laten uitdeinen.

Geen werkplekleren zonder werkplek

Dat in Vlaanderen leerplicht bestaat tot 18 jaar betekent niet dat alle jongeren ook de hele week op de schoolbanken zitten. Ongeveer 2,6% van de 16-jarigen en 4,2% van de 17-jarigen volgt deeltijds beroepsonderwijs (DBSO): een combinatie van studeren en werkplekleren die schoolmoeheid moet vermijden. Uiteraard klopt het plaatje maar als de betrokken jongeren ook effectief ergens buitenschools aan de slag kunnen, en dat is niet steeds het geval. Dat vernam Vlaams parlementslid Jos De Meyer van minister Smet als antwoord op zijn parlementaire vraag hierover.
In februari 2012 hadden 30,2% van de DBSO-leerlingen een werkplek in het “normaal economisch circuit” (NEC), terwijl dat in 2006 nog voor 40,7% het geval was. Buiten het NEC kunnen de betrokken jongeren ook werkervaring opdoen als thuishelper of in een brugproject, maar alles samengeteld raken slechts 43,8% van de leerlingen uit het DBSO aan een werkplek, tegenover 50,9% in 2006. Er bestaan al ‘regionale overlegplatformen’ die de het aanbod aan werkplekken op die nood moeten afstemmen, maar uit de cijfers blijkt dat dat dus maar ten dele lukt.
In absolute cijfers is het deeltijds beroepsonderwijs met zijn 8250 leerlingen misschien een kleine groep, maar je mag dat probleem niet onder de mat vegen, vindt De Meyer. Zonder een werkplek is werkplekleren nu eenmaal niet mogelijk, en dan zien de leerlingen de zin van deze onderwijsvorm niet meer in, met alle risico’s op ongekwalificeerd schoolverlaten. Het is dan waarschijnlijk ook niet toevallig dat het DBSO de onderwijsvorm is met het grootste aandeel problematische spijbelaars. In het algemeen vormend onderwijs wordt slechts 0,1% van de leerlingen doorgegeven als “problematisch afwezig”, in het DBSO gaat het om 32,7%. In het “Actieplan spijbelen en andere vormen van grensoverschrijdend gedrag” van minister Smet worden echter geen maatregelen opgenomen die specifiek op DBSO gericht zijn, omdat het actieplan zich richt op “doelgroepen”, en niet op specifieke onderwijsvormen.
Het is een illusie te denken dat de uitrol van een onderwijshervorming het aantal werkplekken voor leerlingen deeltijds onderwijs plots zou doen stijgen en de problemen van schoolmoeheid en spijbelen zou doen verdwijnen in het deeltijds onderwijs. De minister moet dus niet wachten op maatschappelijke instemming voor een eventuele onderwijsvernieuwing om alvast dit probleem grondig aan te pakken, aldus Jos De Meyer.

“Samen voor een beter Sint-Niklaas”

Ik geloof in de kracht, de creativiteit en de ondernemingszin van mensen.
Ik wil hen stimuleren om verantwoordelijkheid op te nemen in onze stad:
in de verenigingen, scholen, de zorg en het bedrijfsleven.
Zo leeft en groeit Sint-Niklaas vanuit de mensen zelf.

Jos De Meyer
Voortrekker / Lijstduwer

Wel mogelijkheid om 4/5 te werken in het onderwijs!

Wie op het eind van zijn carrière minder wil gaan werken, kan dat in vele sectoren doen door een deeltijdse loopbaanonderbreking. Sinds juli 2012 zijn de voorwaarden veranderd en is de instapleeftijd ervoor opgetrokken. In het Vlaamse onderwijs was daarbij de mogelijkheid weggevallen om van een halftijdse loopbaanonderbreking naar 4/5 tewerkstelling over te stappen. Op vraag van Vlaams parlementslid Jos De Meyer wil de minister die mogelijkheid nu wel invoeren. Smet zal dit onderwerp opnemen met de sociale partners.

Schmallenbergvirus blijft dreigen

Het Schmallenbergvirus is in de EU al op 3745 landbouwbedrijven aangetroffen, waarvan 477 in België. De provincies Oost-en West-Vlaanderen zijn tot nu toe het zwaarst getroffen.
Eind mei 2012 heeft het EFSA (European Food Safety Authority) een rapport uitgebracht over het effect van het Schmallenbergvirus op de diergezondheid, productie en het dierenwelzijn. Vlaams parlementslid Jos De Meyer ondervroeg minister Peeters van landbouw over de conclusies van dat rapport.
Een vaccin tegen het Schmallenbergvirus bestaat nog niet, maar men gaat ervan uit dat dieren die nu antistoffen hebben voor enkele jaren immuun zullen zijn. Waar de ziekte al fors had toegeslagen, zal ze volgend seizoen dus veel minder effect hebben, maar waar ze nog niet voorkwam, kan men in 2012-2013 wel veel ziektegevallen verwachten.