Gevraagd: veiliger spoorovergangen in Sint-Niklaas

Al geruime tijd bestaan er plannen om de spoorwegovergangen nog veiliger te maken. Tijd om de juiste keuzes te maken volgens Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer (CD&V) uit Belsele.
Lange wachttijden en risicovolle overgangen zijn te vermijden. Ook bij sneeuwval heerst er meer gevaar op dergelijke kruispunten. Aan veiliger en efficiënter werkende spoorwegovergangen hangt echter een prijskaartje vast.
“Onlangs vernam ik dat Infrabel met meerdere Vlaamse steden en gemeenten onderhandelt om de spoorwegovergangen veiliger te maken door niet-gelijkgrondse kruisingen (bruggen of tunnels) aan te leggen”, zegt De Meyer.
“Vandaar mijn suggestie dat ook het stadsbestuur van Sint-Niklaas hierover de nodige gesprekken op gang brengt met Infrabel om te onderzoeken welke van de spoorgwegovergangen in Sinaai (zoals ter hoogte van Wijnveld), in Belsele (Kleemstraat, Kerkstraat), in Nieuwkerken (Heihoekstraat) en in Sint-Niklaas eventueel in aanmerking komen voor een niet-gelijkgrondse kruising.”
“Dat zou niet alleen de verkeersdoorstroming maar ook de verkeersveiligheid kunnen verhogen. Ik denk dat het op dit moment een opportuniteit is om dat verder te onderzoeken,” luidt het. (Het Nieuwsblad, Sylvain Luyckx)

SINT-NIKLAAS – Al geruime tijd bestaan er plannen om de spoorwegovergangen nog veiliger te maken. Tijd om de juiste keuzes te maken volgens Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer (CD&V) uit Belsele.
Lange wachttijden en risicovolle overgangen zijn te vermijden. Ook bij sneeuwval heerst er meer gevaar op dergelijke kruispunten. Aan veiliger en efficiënter werkende spoorwegovergangen hangt echter een prijskaartje vast.
“Onlangs vernam ik dat Infrabel met meerdere Vlaamse steden en gemeenten onderhandelt om de spoorwegovergangen veiliger te maken door niet-gelijkgrondse kruisingen (bruggen of tunnels) aan te leggen”, zegt De Meyer.
“Vandaar mijn suggestie dat ook het stadsbestuur van Sint-Niklaas hierover de nodige gesprekken op gang brengt met Infrabel om te onderzoeken welke van de spoorgwegovergangen in Sinaai (zoals ter hoogte van Wijnveld), in Belsele (Kleemstraat, Kerkstraat), in Nieuwkerken (Heihoekstraat) en in Sint-Niklaas eventueel in aanmerking komen voor een niet-gelijkgrondse kruising.”
“Dat zou niet alleen de verkeersdoorstroming maar ook de verkeersveiligheid kunnen verhogen. Ik denk dat het op dit moment een opportuniteit is om dat verder te onderzoeken,” luidt het. (Het Nieuwsblad, Sylvain Luyckx)

Vernieuwing Durmebrug voorzien in 2019

De onveilige verkeerssituatie aan de Durmebrug wordt volgend jaar eindelijk aangepakt. Dat vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer (CD&V) via een schriftelijke vraag aan minister voor Openbare Werken Ben Weyts (N-VA). “De onteigeningen voor het realiseren van nieuwe fietspaden zijn bijna afgerond. De aanbesteding is voorzien voor eind dit jaar”, aldus de minister.
Voor de uitvoering van fietspaden langsheen de N446 te Waasmunster wordt op het programma 400.000 euro voorzien. Voor het vernieuwen van de Durmebrug in de N446 in Waasmunster wordt 1,5 miljoen euro voorzien, telkens in 2019.
De eerste fase omhelst de aanleg van fietspaden langsheen de N446 in samenwerking met de gemeente Waasmunster. Tevens zal het noodzakelijk structureel onderhoud van de rijwegverharding gebeuren en de heraanleg van de kruispunten in de zone van het fietspadenproject. Het tweede project omhelst de vervanging van de bestaande brug over de Durme. De brug, die door slijtage in slechte staat verkeert, wordt vervangen door een stalen bovenbouw, voorzien op zwaar verkeer en met fietspaden langs beide rijrichtingen. Ook de onderbouw van de brug wordt afgebroken en vervangen, met integratie van een doortocht van de weg naast de Durme door middel van een fietskoker. (Het Laatste Nieuws,YDS ; foto: JVDV)

Studie naar heraanleg fietspad N403 van Sint-Niklaas tot in Stekene!

De gewestweg N403 wordt in de toekomst heringericht met het oog op meer verkeersveiligheid. Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer (CD&V) informeerde bij minister van Mobiliteit en Openbare Werken Ben Weyts (N-VA) naar de vooruitgang in het dossier.
“De eerste administratieve procedures voor de studieopdracht zijn afgerond”, zegt Weyts. “De studie heeft als doel de herinrichting van de N403 van Sint-Niklaas tot Stekene te bestuderen. Dit is een totaalstudie voor rijweg, voet- en fietspaden, maar in eerste instantie ligt de focus op verkeersveilige en conforme fietspaden langs dit traject.”
Het studiewerk moet idealiter dit jaar van start gaan en in de loop van 2019 afgerond worden. “Eventuele onteigeningen zullen ten vroegste in 2019 worden opgestart.” Weyts wil zich dan ook niet vastpinnen op een startdatum voor de aanvang van de werken. (Gva,tvl; foto: Kristof Pieters)

Week van de Korte Keten wordt een Vlaamse happening

De voorzitter van de landbouwcommissie in het Vlaams Parlement neemt met interesse kennis van de lokale voedselstrategie die de stad Gent uitrolt, en de studie die in dat kader uitgevoerd is naar een opschaling van de korte keten door de afzet te verbreden richting grootafnemers (retail, horeca en grootkeukens). Op de vraag van Jos De Meyer (CD&V) welke stimuli de Vlaamse overheid kan voorzien voor korte-keten-landbouw in een stedelijke context gaf minister Joke Schauvliege een uitgebreid overzicht, van het aanspreekpunt lokale voedselstrategie voor steden en gemeenten tot relevant ILVO-onderzoek, het Steunpunt Hoeveproducten en Rechtvanbijdeboer.be. Van 26 mei tot 3 juni viert gans Vlaanderen bovendien de Week van de Korte Keten.
Een vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer, geïnitieerd door de Gentse plannen voor opschaling van de korte voedselketen, vormt voor minister Joke Schauvliege de aanzet om een overzicht te geven van de beleidsinitiatieven inzake korte-keten-landbouw. “Nieuw sinds vorig jaar is dat we een heus Aanspreekpunt Lokale Voedselstrategie hebben, dat is ingebed in de werking van de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG). Daarnaast zet ILVO heel actief in op het onderzoeken van korte-ketenlandbouw en stadslandbouw”, zegt Schauvliege, met een verwijzing naar recent doctoraatsonderzoek dat het belang van stedelijk of gemeentelijk beleid rond korte-ketenlandbouw aantoont.
Verder zorgt de Vlaamse overheid voor financiële ondersteuning van zowel het Steunpunt Hoeveproducten als van promotieorgaan VLAM. Die laatste beheert de website Rechtvanbijdeboer.be, die middels een eenvoudige zoekmodule de consument toelaat om één van de meer dan 700 geregistreerde verkooppunten in Vlaanderen te vinden. Registratie is gratis voor producenten, en blijft niet beperkt tot hoevewinkels. Het kan evengoed gaan om een boerenmarkt, voedselteam, groenteabonnement of buurderij. Allemaal afzetkanalen die hoeveproducten tot in de stad brengen.
Elk jaar gaat er ook Vlaams geld naar de ondersteuning van volkstuinprojecten die in en rond de stad enorm aan populariteit winnen. “Die projecten brengen lokale voedselproductie onder de aandacht en kunnen het startpunt vormen van een vraagstuk rond lokale voedselvoorziening”, weet de minister. Dit jaar zet ze samen met VLAM in op de organisatie van een Week van de Korte Keten, van 26 mei tot 3 juni. De vijf Vlaamse provincies zetten er mee hun schouders onder nadat de provincie West-Vlaanderen de voorbije twee jaar reeds succes oogstte met de organisatie van zo’n actieweek.
Elke provincie, stad of gemeente kan eigen accenten leggen in de promotie van de korte voedselketen. “Een geschikt moment”, aldus minister Schauvliege, “om lokale partnerschappen aan te gaan.” De coördinatie van de Week van de Korte Keten is in handen van het Steunpunt Hoeveproducten. Dat organiseert op dinsdag 29 mei een Dag van de Hoeveproducent om de producent een keer in de watten te leggen. “Na een lokale lunch zorgen we voor een sterk inhoudelijk programma rond actuele thema’s waar de hoeveproducenten mee te maken hebben”, belooft Bart Thoelen van het Steunpunt.

Vijf bruggen over E17 worden gesaneerd.

Er worden 5 bruggen gesaneerd over de E 17 in Temse, Kruibeke en Beervelde, antwoordde minister Weyts van Mobiliteit en Openbare werken op een schriftelijke vraag van Vlaams parlementslid Jos De Meyer.
Over de E17 worden de bruggen in de Hoogkamerstraat te Temse en in de Burchtstraat te Kruibeke gesaneerd met aanleg of aanpassing van de fietspaden. Bij deze werken worden de wegverharding, de waterdichting en de bruguitrusting (leuning, voegen, waterafvoer, opleggingen) vernieuwd en worden betonherstellingen en beschermingswerken aan de bruggen uitgevoerd.
Bij twee bruggen in de Landmolenstraat te Temse en in de Kruibekestraat te Temse/Kruibeke worden de wegverharding, waterdichting en de bruguitrusting (leuning, voegen, waterafvoer, opleggingen) vernieuwd en worden betonherstellingen en beschermingswerken aan de bruggen uitgevoerd. Ook wordt er bekeken om een volwaardig fiets- of voetpad op de bruggen te plaatsen.
Naast deze bruggen wordt binnen hetzelfde project een beperkte herstelling aan de brug Eethoek over de E17 te Beervelde (km 63,6) voorzien. Hier worden de opleggingen van de brug vernieuwd, samen met betonherstellingen en beschermingswerken.
Voor het eerste project is de samenwerking met de gemeentes Kruibeke en Temse uitgewerkt naar de fietspaden toe. In de loop van 2018 wordt het bestek afgewerkt naar publicatie toe. Voor het tweede project wordt het bestek in de loop van 2018 afgewerkt naar publicatie toe.
In de loop van 2018 worden het bestek en de meetstaat afgewerkt. De publicatie zal eind 2018 volgen. De uitvoering van de werken is voorzien voor 2019.
Jos De Meyer reageert tevreden op het antwoord van de minister, en hoopt dat de timing zeker gerespecteerd wordt.
———-

Vier bruggen over de E17 krijgen opknapbeurt in 2019
Vier bruggen over de E17 in Temse en Kruibeke krijgen volgend jaar een broodnodige herstelbeurt. Veel fietsers en pendelaars klagen al lang over de slechte staat en het gebrek aan fietsvoorzieningen.
Het is nog een jaartje wachten maar dan worden vier bruggen over de E17 aangepakt. Er zijn twee verschillende projecten uitgewerkt. “Het eerste project betreft het saneren van de bruggen over de E17 in de Hoogkamerstraat te Temse en in de Burchtstraat te Kruibeke. Daarbij voorzien we de aanleg of aanpassing van de fietspaden op deze bruggen. Bij deze werken worden ook de wegverharding, de waterdichting en de bruguitrusting vernieuwd en worden betonherstellingen en beschermingswerken aan de bruggen uitgevoerd”, kondigt Vlaams minister van Openbare Werken en Mobiliteit Ben Weyts (N-VA) aan, na een vraag van Vlaams parlementslid Jos De Meyer. Voor dit project werkt het Vlaams Gewest samen met de gemeentebesturen van Kruibeke en Temse.
In het tweede project worden nog eens twee bruggen gerenoveerd. “Het gaat om de bruggen in de Landmolenstraat in Temse en in de Kruibekestraat in Kruibeke. Bij deze werken worden de wegverharding, waterdichting, de leuning, de voegen en de waterafvoer vernieuwd en worden betonherstellingen en beschermingswerken aan de bruggen uitgevoerd. Ook wordt er bekeken om een volwaardig fiets- of voetpad op de bruggen te plaatsen”, weet minister Weyts. Naast deze bruggen wordt binnen hetzelfde project een beperkte herstelling aan de brug Eethoek over de E17 in Beervelde voorzien. De voorbereidingen van beide projecten vinden nog dit jaar plaats. De uitvoering is voorzien voor 2019.
Geen verlichting
Veel fietsers vinden de werken positief maar zijn van mening dat hun geduld al te lang op de proef werd gesteld. “Ik pendel vier dagen per week tussen Temse en Sint-Niklaas, langs de brug in de Hoogkamerstraat”, vertelt Temsenaar Wim De Wolf. “De veiligheid is al langer een probleem. Vrachtwagens rijden heel dicht tegen de fietsers. Aan de ene kant van de brug is er geen verlichting. Daar is het uitkijken om niet te vallen door de putten in het donker. Het is nodig dat er eindelijk iets aan gedaan wordt.” (Het Nieuwsblad, Guy Van Vliet; foto: GVH)

Doortocht N70 wordt dit jaar aanbesteed

De heraanleg van de N70 in Melsele moet nog dit jaar aanbesteed worden.
Dit antwoordde minister voor Openbare Werken Ben Weyts (N-VA) op een schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer (CD&V). “Het rioleringsontwerp wordt momenteel verder uitgewerkt en de aanvraag voor de stedenbouwkundige vergunning volgt één van de komende maanden. Doel is om de werken in 2018 aan te besteden”, laat Weyts weten. De minister laat ook weten dat de aanleg van fietspaden langs de N450 in Melsele in 2019 zal starten. (Het Laatste Nieuws, PKM)

Bijna 41% van de 50-plussers in het onderwijs kiest voor deeltijds werk

Bijna 41% van de 50-plussers in het onderwijs kiest voor deeltijds werk.

In het onderwijs kiezen personeelsleden steeds vaker voor een verlofsysteem om deeltijds te kunnen werken. Dat blijkt uit de cijfers die Vlaams parlementslid Jos De Meyer opvroeg bij minister Crevits van Onderwijs.
Op vijf jaar tijd verhoogde het aandeel van de personeelsleden met een dienstonderbreking van 22,54% (schooljaar 2012-2013) tot 30,44% (schooljaar 2016-2017). Bij de personeelsleden ouder dan 50 jaar gaat om een toename van 28,86 naar 40,78%.
In de bevraging werd gepeild naar dienstonderbrekingen bij voltijds benoemde personeelsleden. Het aandeel deeltijds werkenden in het algemeen is dus nog groter. Sommige personeelsleden hebben ook meer dan één arbeidsonderbreking opgenomen per schooljaar, en beide arbeidsonderbrekingen zijn dan in de telling opgenomen.

De start van schooljaar 2016-2017 was voor personeelsleden van 55 jaar en ouder de laatst mogelijke instapdatum voor loopbaanonderbrekingen met een uitkering op basis van leeftijd, en daar is duidelijk veel gebruik van gemaakt. Het aantal loopbaanonderbrekingen met 1/5 voor 55-plussers verhoogde op één jaar tijd van 1731 tot 3035, en het aantal halftijdse onderbrekingen van 1010 tot 1794.
Volgens De Meyer is het belangrijk dat dienstonderbrekingen bij oudere personeelsleden kunnen zorgen voor “werkbaar werk”, maar vooral dat ze de mogelijkheid bieden om werk en gezin te combineren en om in acute situaties bijstand te verlenen (bijvoorbeeld medische zorgen). Dat verklaart de gestage toename van het aantal “thematische” dienstonderbrekingen. Die zet zich ook door in schooljaar 2016-2017, want de afname van het aantal (federale) thematische loopbaanonderbrekingen is kleiner dan het aantal nieuwe (Vlaamse) zorgkredieten.

Secundair onderwijs 3,6 keer ruimer omkaderd dan basisonderwijs

Per leerling werkt in het voltijds secundair onderwijs 3.6 keer zo veel ondersteunend personeel dan het basisonderwijs. Dat bleek uit de cijfers die Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer opvroeg bij minister Crevits van Onderwijs.
Voor elke 283 leerlingen telt het Vlaamse basisonderwijs één voltijdse administratief medewerker als steun voor de directie en de schoolorganisatie. Het verschil met het secundair onderwijs is frappant: daar kan een school naast administratieve medewerkers ook opvoeders aanstellen, en samengerekend is er van die twee ambten samen al één voltijdsequivalent per 80 leerlingen. Dat komt neer op een verhouding van 3,6.
Om naast hun leerkrachten ook ondersteunend personeel (bv secretariaatsmedewerkers) aan te stellen krijgen scholen een puntenenveloppe toegekend. Een personeelslid zonder diploma hoger onderwijs “kost” 63 punten per fulltime-equivalent, een bachelor 82 en iemand met een masterdiploma 120. Men kan vrij kiezen om ofwel meer personeelsleden aan te stellen met een lager diploma of minder personeelsleden met een hoger diploma.
In het basisonderwijs wordt 77,5 % van de ondersteunende ambten bemand door personeelsleden zonder diploma hoger onderwijs en 20% door personeelsleden met een bachelordiploma. In het secundair onderwijs is de verhouding omgekeerd: daar wordt 37% van de ondersteunende ambten ingevuld door personeel zonder diploma hoger onderwijs en 61 % door bachelors. In het ondersteunend personeel werken slechts een beperkt aantal masters. In het basisonderwijs nemen die 3% van het aantal voltijdse ambten voor hun rekening, in het secundair onderwijs slechts 1,6%.
Basisscholen kiezen voor hun administratieve medewerkers vaker voor minder hoog opgeleiden. Zo gaan ze zuiniger om met hun puntenenveloppe, merkt De Meyer op. Als je niet het aantal medewerkers, maar het aantal punten telt, dan is het basisonderwijs nog 3,84 keer krapper omkaderd per leerling dan het secundair onderwijs.
“Het is duidelijk dat het secundair onderwijs een behoorlijke omkadering heeft, terwijl het basisonderwijs te weinig omkadering heeft. Dit is natuurlijk historisch gegroeid, maar we moeten toch de vraag durven stellen of dit voor het basisonderwijs nog langer verantwoord is,” concludeert Jos De Meyer. “Ik verwacht in het legislatuuroverschrijdend actieplan voor het basisonderwijs een duidelijke bijsturing!
En misschien moeten de koepels en de vakbonden ook eens nadenken over de vraag of deze verdeling van ondersteunend personeel nog billijk is.”